Nieren en water- en zouthuishouding

24 belangrijke vragen over Nieren en water- en zouthuishouding

Wat is er aan de hand met de brattlebororat?

Deze rat heeft veel urineproductie en moet daarom ook veel drinken. 

Welke 2 soorten diabetes kun je hebben?

Je hebt diabetes mellitus en diabetes insipidus. Bij deze laatste variant heb je geen of weinig ADH/vasopressine. 

Hoeveel liter bloed gaat er per dag door je nieren, en hoeveel daarvan wordt er gefilterd?

Er gaat per dag 900 liter bloed door je nieren en er wordt 20% van gefilterd. In rust wordt het bloed constant gefilterd.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Wat voor soorten nefronen hebben we allemaal?

- corticale nefronen: (80%) zitten in de buitenkant van de nier.
- juxta medullaire nefronen: (20%) van de nefronen. Deze zitten meer in de kern en hebben een hele lange lus van Henle. 

Wat is het poortaderstelsel in de nier?

Je hebt hier bloedvaten die zowel vena als arteri zijn. 

Waaruit wordt de totale hoeveelheid bepaalt die wordt uitgescheiden?

hoeveelheid filtratie - hoeveelheid reabsorptie + hoeveelheid secretie.

Waar zorgt een verhoogde GFR voor?

Deze zorgt voor een constrictie van het aanvoerend affarente bloedvat.

Waar zorgt een verlaagde GFR voor?

Deze zorgt voor een constrictie in het afvoerend efferente bloedvat. 

Hoe kunnen hormonen uit het autonomisch zenuwstelsel de GFR beinvloeden?

- Door een verandering van weerstand in de arteriolen.
- Door een verandering van de filtratiecoefficient.

Hoe zit het met de gem. hoeveelheid water gedurende het leven?

een baby bevat nog ca 75 % water, een kind maar 70% meer en een volwassene 60% en een oudere maar 55% meer. Deze laatste waarden zijn veel te laag.

Hoeveel water moeten we gemiddeld op een dag binnenkrijgen?

vrouwen 2,1liter en mannen 2,9 liter.

Op welke gebieden is het meer drinken van water goed?

- bloeddruk
- nierstenen ziekte
- borst kanker, colon kanker en op het gebied van de nieren.
- kinder en volwassen obesitas
- vertering en speekselklierfunctie
- algemene gezondheid in ouderen.

Waarom moet je als je gaat bergbeklimmen veel water drinken?

Dit omdat door de ijle lucht veel water verdampt.

Waar hebben we in ons lichaam allemaal vloeistof zitten?

- intercellulaire vloeistof: cytoplasma
- extracellulaire vloeistof: interstitiele vloeistof, bloed, cerebrospinale vloeistof. 
het grootste gedeelte is intracellulair.

Hoe verliezen we oa water?

1) water verliezen we door verdamping
2) de concentratie van de interstitiele vloeistof neemt toe. 
3) cappilairen verliezen water door osmose
4) cellen verliezen water door osmose.

Wat is het OVLT en waar ligt het?

het is het organum vasculosem. het ligt aan de voorkant van de thalamus en naast het CSF. 

Wat gebeurt er precies als het bloedvolume en daardoor de bloeddruk omlaag gaat?

Volumereceptoren in de atria, in de carotis en de baroreceptoren registreren dat. Deze triggeren een homeostatische reflex aan het cardiovasculaire systeem, het gedrag, en de nieren. het cardiovasculaire systeem zorgt dmv vasoconstrictie voor een hogere cardiac output en dus een hogere bloeddruk. Het gedrag zorgt ervoor dat we dorst krijgen en we water innemen. Hierdoor gaan ICF en ECF volume omhoog en er vindt ook een stijging van de bloeddruk plaats. De nieren reageren erop door water vast te houden om zo het verloren volume zo klein mogelijk te houden. 

Wat gebeurt er als het bloedvolume en daardoor de bloeddruk te hoog wordt?

volumereceptoren in de atria, de carotis en de aorta registreren dit. Ze triggeren weer het cardiovasculaire systeem en de nieren. Het cardiovasculaire systeem zorgt ervoor dat dmv vasodilatie de cardiac output lager wordt. Dit zorgt voor een verlaging van de bloeddruk. De nieren reageren hierop door zouten af te scheiden en daardoor water in de urine te krijgen. Het gevolg is ook hier een lagere bloeddruk.

Wat gebeurt er als de osmolariteit hoger is dan 280 mOsM?

Dan registreren de hypothalamische osmoreceptoren dat. Deze sturen signalen naar de interneuronen van de hypothalamus. Hierdoor gaan de hypothalamus neuronen vasopressine maken. Dit wordt uitgescheiden via de hypofyse. Er vindt hierdoor insertie van waterporien plaats in de apicale membranen. Dit zorgt voor een verhoogde water reabsorptie en water blijft zo behouden. 

Wat gebeurt er als er een verminderde atriale stress is door een te laag bloedvolume?

De atriale stressreceptor registreert dit. dit gaat via een sensorisch neuron naar de hypothalamus. De hypothalamus begint daarop met de synthese van vaspopressine wat vervolgens weer via de hypofyse wordt uitgescheiden. Vasopressine zorgt ervoor dat er insertie plaatsvindt van waterporien in de apicale membranen. Zo blijft het water behouden. 

Wat gebeurt er als er een verlaagde bloeddruk is?

De carotische en aortische baroreceptoren registreren dit en geven dit door via een sensorisch neuron naar de hypothalamus. Deze begint daarop met de reactie van vasopressine. Dit zorgt er weer voor dat er insertie plaats vindt van waterporien in de apicale membranen. Zo blijft water behouden. 

Hoe verandert de osmolariteit in een nefron?

1) de vloeistof in het lumen van de proximale tubulus wordt steeds geconcentreerder naarmate het richting de lus van Henle gaat.
2) een verwijdering van opgeloste stoffen in het stijgende gedeelte zorgt voor een hyposmotische vloeistof. Het wordt dus iets minder osmotisch. 
3) Als het de distale tubulus voorbij is dan wordt de doordringbaarheid van het water en de opgeloste stoffen gereguleerd door hormonen. 
4) aan het eind van het verzamelkanaaltje hangt de urine osmolariteit alleen af van de reabsorptie in het verzamelkanaaltje. Hier is de osmolariteit heel hoog.

Hoe werkt vasopressine / ADH?

1) vasopressine bindt aan een membraanreceptor van een verzamelkanaaltjecel. 
2) Deze receptor activeert een cAMP en second messenger systeem. 
3) Hierdoor gaat de cel aquaporines de cel inserteren. 
4) Deze waterporien gaan zich versmelten met het apicale membraan van de verzamelkanaaltjesepitheelcellen. Hierdoor ontstaan er porien waardoor water weer gereabsorbeerd kan worden. 

Wat gebeurt er als je zout inslikt?

Dan is er geen verandering in volume maar wel gaat de osmolariteit omhoog. Hierdoor wordt er vasopressine afgegeven, wat er voor zorgt dat water bewaard blijft. Ook krijg je hierdoor dorst. dit zorgt ervoor dat je water gaat drinken. Dat zorgt voor een verhoging van het ECF volume. Hierdoor gaan de nieren het zout met het water uitscheiden. Hierdoor wordt de osmolariteit weer normaal en ook de volume en de bloeddruk wordt weer normaal. Door de verhoging van ECF gaat ook de bloeddruk omhoog. Hierdoor zijn er cardiovasculaire reflexen nodig om de bloeddruk weer normaal te krijgen. 

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo