Kweken van micro organisme en afdoding
12 belangrijke vragen over Kweken van micro organisme en afdoding
Vraag 1
Er zijn zogenaamde macronutriënten en micronutriënten, waarbij deze laatste groep een tweeverdeling kent in sporenelementen en groeifactoren. Leg het verschil uit tussen macro- en micronutriënten en vervolgens het verschil tussen sporenelementen en groeifactoren.
- Koolstof
- Stikstof
Micronutriënten -> lagere concentratie nodig. Dit kunnen metalen zijn zoals ijzer. Alle metalen die als micronutriënten die worden samen de sporenelementen genoemd. Organische verbindingen zoals vitamines en bepaalde aminozuren die in een lage concentratie nodig zijn worden groei factoren genoemd.
Vraag 2
Een veelgebruikt medium is Plate Count Agar (PCA). Dit medium bevat:
trypton (of pepton) 5,0 g
gistextract 2,5 g
glucose 1,0 g
agar 13,0 g
demi 1000 mL
a. Voor welke micro-organismen wordt dit kweekmedium gebruikt?
C. Waarvoor dient iedere component?
trypton (of pepton):
gistextract:
glucose:
agar:
demi:
trypton (of pepton): stikstofbron
gistextract: groeifactor
glucose: koolstofbron
agar: medium vast binden/bindmiddel
demi: oplosmiddel
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
E. Waarvoor dient de toevoeging van:
- galzouten:
- neutraalrood:
- kristalviolet:
- lactose:
- galzouten: selectieve groei van enterobacteriën
- neutraalrood: aantonen van zuurvorming door omzetting van lactose
- kristalviolet: selectief medium voor Gram-negatieve bacteriën
- lactose: selectief voor enterobacteriën die lactose kunnen omzetten, C-bron neutraalrood, electief in combinatie met lactose (lactose is een C-bron)
Vraag 4
a. Je hebt om 13.00 uur 100 cellen en deze cellen hebben een generatietijd (Tg) van 30 minuten. Hoeveel cellen heb je dan om 17.00 uur ongeveer? Gegeven is dat de cellen exponentieel groeien.
generatietijd van 30 minuten
13.00-17.00 uur > 4 uur = 8 x delingen
N=100 * 28
N = 100 * 256
N = 25.600 cellen
Vraag 8
Benoem vier typen groeibepalende factoren die de groei van een kweek van microorganisme beïnvloeden. Geef voor iedere factor de naam van de eenheid weer waarin gemeten wordt.
2. Waterbeschikbaarheid (wateractiviteit aw heeft geen eenheid: aw is de grootheid)
3. Zuurgraad (pH ook hier is pH de grootheid)
4. O2 beschikbaarheid (percentage)
Geef de definities van psychrofiele, psychrotrofe (psychrotolerante), mesofiele, thermofiele, thermotrofe (thermotolerante) en hyperthermofiele micro-organismen op basis van hun optimale groeittemperatuur.
- Psychrofiel
- Psychrotroof / psychrotolerant
Kan groeien bij 0 °C, maar heeft een hoger optimum (± 20–40 °C). - Mesofiel
Groeit optimaal bij matige temperaturen (± 20–45 °C). - Thermofiel
Groeit optimaal bij hoge temperaturen (± 45–80 °C). - Thermotroof / thermotolerant
Optimum rond 30–40 °C, kan ook groeien boven 40 °C. - Hyperthermofiel
Groeit optimaal bij zeer hoge temperaturen (> 80 °C).
Vraag 10
De term ‘steriel’ is niet identiek met ‘100% kiemvrij’; dat volgt ook uit het verloop van zgn. microbiologische afdodingscurven. Geef de definitie van steriliteit zoals die algemeen geaccepteerd wordt, die statistisch verantwoord is en die mogelijkheden biedt om sterilisatieprocessen te toetsen.
Geef de betekenis van: Bacteriostatisch Bacteriocide Bacteriolytisch
- Bacteriostatisch
Remt de groei van bacteriën (doodt ze niet). - Bacteriocide
Doodt bacteriën. - Bacteriolytisch
Doodt bacteriën door cellysis (celwand kapot).
Geef de betekenis van: Infecteren Desinfecteren Steriliseren.
- Infecteren
Het binnendringen en vermeerderen van micro-organismen in een gastheer. - Desinfecteren
Het doden/remmen van de meeste micro-organismen (meestal niet alle sporen). - Steriliseren
Het volledig doden/verwijderen van alle micro-organismen, inclusief sporen.
Wat is binaire deling?
- Binaire deling
Vorm van aseksuele celdeling waarbij één bacterie in twee identieke dochtercellen splitst.
Geef de betekenis van: Obligaat aeroob Aerotolerante anaeroob.
- Obligaat aeroob
Heeft zuurstof nodig om te groeien. - Aertolerante anaeroob
Groeit ook in aanwezigheid van zuurstof, maar gebruikt het niet voor energieproductie.
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















