Uitzetting van vaste stoffen en vloeistoffen - Uitzetting van vloeistoffen

3 belangrijke vragen over Uitzetting van vaste stoffen en vloeistoffen - Uitzetting van vloeistoffen

Bespreek de kubieke uitzetting bij vloeistoffen.

  • Zwakkere cohesiekrachten tussen vloeistofmoleculen
    • grotere kubieke uitzettingscoëfficiënt bij vloeistoffen
  • licht temperatuurafhankelijk

Bespreek de kubieke uitzetting bij water.

Wanneer water van 0°C verwarmd wordt, neemt het volume af tot een temperatuur van 4°C bereikt wordt. Boven 4°C gedraagt water zich zoals een normale stof en neemt het volume toe naarmate de temperatuur stijgt. Omdat een gegeven massa water haar kleinste volume heeft bij 4°C, is de massadichtheid van water het grootst bij 4°C. Dit zie je in de figuur.

Beschrijf hoe een vijver bevriest.

  1. Temperatuur omgeving daalt
  2. wateroppervlak koelt af
  3. Twater = 4°C -> dichtheid van water aan oppervlak groter dan die van de onderliggende, warmere lagen
  4. koude oppervlaktewater zinkt en duwt onderliggende, warmere water naar boven
  5. proces herhaalt tot de volledige vijver 4°C is
  6. afkoeling tot 0°C -> vorming van ijsschollen die blijven drijven op het water omdat ijs een kleinere dichtheid heeft dan het onderliggend water
  7. ijsschollen vriezen aan elkaar, vormen thermische isolator en verhinderen verder warmteverlies uit de vijver -> Twater onder ijs: boven 0°C
  8. vissen kunnen gedurende de winter lange tijd overleven onder het ijs

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo