Gynaecologie - Preterm
8 belangrijke vragen over Gynaecologie - Preterm
Wat zijn risicofactoren voor preterme arbeid?
- Grote uitzetting uterus (polyhydramnios/meerlingen)
- Antenatale bloeding dor prikkeling uteruswand (placenta praevia/solutio placentae)
- Febriele aandoeningen met toename prostaglandinesyn
these
- Congenitale uterusafwijkingen
- Infecties
- Vroegtijdig breken vliezen
- Cervixinsufficiëntie
- VG vroeggeboorte
- Lagere socio-economische klasse
- <20 of >40j oud
- Korte interval tussen zwangerschappen
- Maternele medische problemen (DM, NF, schildklier)
- PE en FGR
- Mannelijke foetus
- Hoog materneel Hb
Wat zijn methoden om een preterme mee te voorspellen?
- Anamnese en KO (vaginaal toucher)
- niet echt nuttig
- Fibronectine opsporen
- glycoproteïne dat als lijm tussen placenta en decidua zit, bij disruptie komt dit vrij en kan met monoklonaal AL aangetoond worden
- tussen 22-33w, wel veel vals positief
- Oestriol in speeksel
- Transvaginale echo op cervixlengte
- <2,5cm op 28w geeft hoger risico op preterm
- systematisch bij vrouwen met risico
- ThuisCTG
- Vaginale pH meting
Wat zijn mogelijke preventieve maatregelen voor een preterme?
- Verkorte cervix
- cerclage: circulaire hechtingen rond cervix
- vaginaal progesteron
- Infectiepreventie
- Foetale reductie
- tot één- of tweelingen
- Reductie polyhydramnios
- aspiratie
- soms NSAIDs voor minder foetale urine
- Correcte behandeling bestaande medische aandoeningen
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Wat ga je doen bij preterme arbeid?
- Pijn en harde buiken: vaginale echo en cervix meten
- Foetaal fibronectine bepalen
- Echo en CTG voor foetale conditie
- Infecties opsporen (wissers, bloednamen zijn minder zinvol)
- chorioamnionitis: direct AB IV
- systematisch bij PPROM
- Vóór 34w: ziekenhuis met maternale ICU en NICU
- Psychosomatische component in de gaten houden!
- Steroïden
- stimulatie surfactantproductie uit alveolaire cellen type 2
- 23-35w indien mogelijk preterme arbeid
- optimaal effect 24-48u na toediening
- indien geen vroeggeboorte: éénmalig herhaling mogelijk
- Tocolytica
- weeënremmers, stellen bevalling uit
- zeker om steroïden genoeg werkingstijd te geven
- niet meer na 34w
- Atosiban (oxytocine antagonist) 1e keuze
- daarna CCB (nifidipine
- Betamimetica of NSAID (indometacine) kan ook
- Magnesiumsulfaat
- neuroprotectief
- <12u voor partus
Wat zijn mogelijke complicaties van PPROM?
- Preterme geboorte
- Infectie foetus, placenta of navelstreng
- Prolaps navelstreng
- Pulmonaire hypoplasie indien <22w
Hoe uit PPROM zich in de kliniek en waar ga ja naar kijken?
- plasje vruchtwater in fornix posterior bij speculumonderzoek
- niet zeker of het vruchtwater is: als er IGFBP1 of PAMG1 in zit is het amnionvocht
- GEEN vaginaal toucher! Kan infecties en placenta praevia geven
- wissers voor infectie
- echo en CTG voor foetale conditie en uterusactiviteit
- compleet bloedbeeld
Wat is het beleid bij PPROM?
- Risico infectie afwegen tegen vroeggeboorte
- Opname minstens 48u, steroïden en evt MgS
- Infectietekens in de gaten houden en profylactisch macrolide (geen amoxiclav)
- Bevallen vanaf 34w tot uiterlijk 37w
Wat zijn verder indicaties en CI om te induceren?
- Postterm
- IUGR
- PE
- PROM
- Mors in utero
- Insulinedepentente DM
- Congenitale foetale afwijkingen
- Contra-indicaties:
- slechte foetale conditie
- wanverhouding hoofd/bekken
- liggingsafwijkingen
- placenta praevia
- voorliggende navelstreng
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















