Spijsverteringsstelsel - Spijsverteringsorganen en -structuren
21 belangrijke vragen over Spijsverteringsstelsel - Spijsverteringsorganen en -structuren
Wat wordt er bedoeld met enzym en wat is de rol van enzymen in de spijsvertering?
- Eiwit dat chemische reacties versnelt.
- Breekt voedingsstoffen af in kleinere delen.
- Maakt vertering efficiënter.
- Speelt een cruciale rol in opname van voedingsstoffen.
Uit welke gebitselementen zijn tanden en kiezen opgebouwd?
2. Daaromheen een stevige botachtige laag; het tandbeen (of dertine)
3. De buitenste laat is het tandglazuur dat bestaat uit email. Harder weefsel betaat er niet in het lichaam.
Noem drie processen die in de mond plaatsvinden ten behoeve van de spijsvertering.
De processen, die plaatsvinden in de mond zijn: het kauwen (mechanische verkleining), productie van speeksel met enzymen (chemische verkleining) en het vele vocht van het
speeksel laat stoffen oplossen en in het speeksel zitten ook afweerstoffen.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Noem en beschrijf de drie lagen waaruit een tand of lies is opgebouwd.
Tandbeen - ook wel dentine, dit is het harde bot deel van de tand.
Tandglazuur - het uiterste laagje om de tand heen, dit bestaat uit emaille.
Wat gebeurt er in de keelholte, het strottenhoofd en slokdarm tijdens het slikken?
- Keelholte: De tong duwt de voedselprop naar achteren.
- Strottenhoofd: Het sluit zich af, waardoor voedsel niet in de luchtpijp komt.
- Slokdarm: Spieren van de slokdarm trekken samen om de voedselprop naar de maag te duwen.
Dit zorgt ervoor dat de voedselinname veilig verloopt.
Hoe verplaatst de slokdarm voedsel naar de maag?
De bovenste slokdarmkringspier zorgt ervoor dat er geen lucht en slijm wordt aangezogen de slokdarm in door ademhalingsbewegingen.
De onderste slokdarmkringspier zorgt ervoor dat er geen zuur uit de maag de slokdarm in kan of kan aantasten.
Noem twee factoren die terugstroom van zure maaginhoud naar de slokdarm tegenwerken.
Wat zijn drie bijzonderheden van de maag ten opzichte van de bouw andere holle spijsverteringsorganen?
- De maag heeft een sterke spierwand die zorgt voor het malen en kneden van voedsel.
- De binnenwand is bekleed met een slijmlaag die de maag beschermt tegen zijn eigen zure maagsap.
- Er zijn gespecialiseerde klieren in de maagwand die enzymen en zuren produceren voor de spijsvertering.
Welke aanleidingen zijn er voor de maag om in actie te komen?
Wat is de functies van de twaalfvingerige darm en welke stoffen daar voornamelijk verteerd en in het bloed opgenomen worden?
- Vertering van voedsel door alvleeskliersappen en gal.
- Opname van voedingsstoffen in het bloed.
- Belangrijke stoffen die daar worden verteerd:
- - Eiwitten
- - Vetten
- - Koolhydraten
- Essentiële vitaminen en mineralen worden ook opgenomen.
Kun je aangeven wat de kwetsbaarheid is van de twaalfvingerige darm en hoe hij daartegen beschermd wordt?
Welke endocriene (uitscheidende functie) en exocriene (hormonale) functies heeft de alvleesklier?
Endocriene functies:
- Produceren van insuline, wat de bloedsuikerspiegel verlaagt.
- Vrijgeven van glucagon, dat de bloedsuikerspiegel verhoogt.
- Afgifte van somatostatine, dat andere hormonen gereguleert.
Exocriene functies:
- Scheiden van spijsverteringsenzymen zoals amylase en lipase.
- Vormen van pancreassap dat helpt bij de afbraak van voedsel.
- Reguleren van de pH in de darm via bicarbonaat.
Samengevat:
Sproductie spijsverteringsappen waarin:
- enxymn voor afbraak van koolhydraten, vetten en eiwitten.
- mazuur-neutraliseerende stof
Productie hormonen:
- isuline
- glucagon
Benoem de functies van het alvleeskliersap en geef aan welke voedingsstoffen met behulp ervan worden verteerd.
- Bevat enzymen voor de vertering van koolhydraten (amylase)
- Bevat enzymen voor de vertering van eiwitten (peptidase)
- Bevat enzymen voor de vertering van vetten (lipase)
- Helpt bij het neutraliseren van de zure inhoud uit de maag door bicarbonaat
Deze enzymen staan in voor de afbraak van essentiële voedingsstoffen.
Benoem de stoffen die met behulp van de dunne darmsap verteerd worden en geef aan welke stoffen via de wand de dunne darm in het bloed en lymfe worden opgenomen.
- Zetmeel (door amylase)
- Eiwitten (door proteasen)
- Vetten (door lipasen)
Opname via de wand:
- Glucose in het bloed
- Aminozuren in het bloed
- Vetzuren en glycerol in de lymfe
Wat is de functie van de dikke darm en van de appendix?
- De dikke darm is verantwoordelijk voor:
- - Absorptie van water en elektrolyten.
- - Vorming en opslag van ontlasting.
- - Hulp bij de spijsvertering door bacteriën.
- De appendix heeft mogelijk de functie van:
- - Meespelen in de afweer tegen infecties.
- - Opslaan van goede bacteriën voor de darmen.
Noem een aantal factoren die bepalen welke bacteriën in de dikke darm de boventoon voeren?
- Dieet: Voeding met vezels of suikers kan de samenstelling van bacteriën beïnvloeden.
- Antibioticagebruik: Dit kan bacteriële populaties verstoren.
- Leeftijd: Bacteriënpopulaties veranderen gedurende het leven.
- Gezondheidstoestand: Aandoeningen zoals darmziekten kunnen invloed hebben.
- Genetica: Individuele genetische verschillen kunnen bacteriële diversiteit beïnvloeden.
Samengevat: afhankelijk van wat we eten en hoe goed we verteren
Noem een tweetal producten die door colibacteriën worden gevormd:
- E.coli kan schadelijke stoffen maken, zoals toxines.
- Er kunnen ook gassen ontstaan, zoals waterstof en maagzuur.
Wat is de functie van de leverpoort in de voorziening van de leverjobjes?
- Verbindt lever met bloedvaten.
- Regelt bloedstroom naar de lever.
- Zorgt voor afvoer van gal.
Wat wordt er globaal gezien verstaan onder leverjobje (kleinste functionele eenheid van de lever)
- Kleinste functionele eenheid van de lever.
- Bestaat uit hepatocyten.
- Zorgt voor bloedfiltratie en stofwisseling.
- Speelt rol in galproductie.
Noem de zes hoofdfuncties van de lever.
De lever ontgift het bloed van bv alcohol, medicijnen, bilirubine en ammoniak.
De lever is verantwoordelijk voor galproductie uit bloedbestanddelen zoals galzure zouten en bilirubine.
De lever zet voedingstoffen om, maakt voedingsstoffen aan en slaat voedingsstoffen op.
De lever is een opslagplek
De lever is verantwoordelijk voor de warmteproductie
Waar is de stof bilirubine van afkomstig? En wat doet de lever er mee?
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















