Samenvatting: Grondtrekken Van Het Nederlandse Strafrecht | 9789013158779 | Mathieu J Kronenberg, et al
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Grondtrekken van het Nederlandse strafrecht | 9789013158779 | Mathieu J. Kronenberg; Bas Wilde
-
1 Inleiding
Dit is een preview. Er zijn 52 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1
Laat hier meer flashcards zien -
Met welk beginsel krijgt de OvJ de mogelijkheid om te beslissen of zij afzien van de straf?
Opportuniteitsbeginsel -
Welke beschrijvingen staan er in de wet als "wederrechtelijk"
- Vernieling
- Vernieling
-
Welke twee soorten preventie zijn er? En leg uit wat het betekent.
- Speciale
preventie : een dader die in aanraking is gekomen met een strafbaar feit en een daarbijhorende straf, zal de volgende keer wel nadenken voordat hij dit weer doet. Specialepreventie moet dus voorkomen ofontmoedigen dat deze persoon opnieuw in de fout gaat. Generale preventie : hier gaat het erom dat andere mensen wordenafgeschrikt wanneer iemand een straf krijgtopgelegd . Ze zien dat bepaald gedrag wordtbestraft , en zullen daardoor minder snel hetzelfde gedrag vertonen.
- Speciale
-
Wanneer je kijkt naar de bevoegdheden van de rechter, spreek je van de competentie van de rechter. Welke twee soorten competentie zijn er? Leg uit wat de twee soorten competentie betekenen?
- Absolute competentie: hierbij gaat het erom welk soort rechter bevoegd is (is dit bijv. een zaak waar de kantonrechter over moet spreken? Bij welk gerecht; rechtbank of hof?).
- Relatieve competentie: hierbij gaat het over in welk arrondissement de zaak moet worden uitgevoerd (dus Amsterdam, Midden-Nederland etc. het arrondissement is een rechtsgebied van de rechtbank)
- Absolute competentie: hierbij gaat het erom welk soort rechter bevoegd is (is dit bijv. een zaak waar de kantonrechter over moet spreken? Bij welk gerecht; rechtbank of hof?).
-
1.1 Eerste kennismaking
Dit is een preview. Er zijn 21 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1
Laat hier meer flashcards zien -
Welke twee soorten dagvaardingen kunnen worden uitgevaardigd en door wie worden deze uitgevaardigd?
1. Strafrechtelijke dagvaarding: deze worden verstuurd door de OvJ om een verdachte terecht te laten staan voor de strafrechter.
2. Civielrechtelijke dagvaarding: dit zijn dagvaardingen die van burger tot burger worden verstuurd (door een advocaat) om een kwestie voor te leggen aan een (onafhankelijke) burgerlijke rechter die een bindende beslissing neemt. -
Dagvaarding strafrecht en Civiel recht
Bij het civiel recht moet de burger het recht zelf rechtsgeldig maken en zelf een rechtszaak beginnen. In geval van het strafrecht kan alleen een officier van justitie de verdachte voor de rechter brengen. Hij is vertegenwoordiger van het staatsorgaan dat belast is met de vervolging van verdachten (Het openbaar ministerie).
Politie-->officier van justitie--> strafrechter. -
Op welke overwegingen is strafrechtelijk legaliteitsbeginsel gebaseerd?
Schuldsgezichtpunt (niemand kan worden gestraft als die niet wist dat het strafbaar was)
Rechtstaatsgedachte (machtsuitoefening door/namens overheid moet gebaseerd zijn op rechtsregel)
Rechtszekerheid (iemand moet kunnen voorzien dat de gedraging strafbaar is en welke straf hierop staat) -
Een straf wordt opgelegd als gevolg van een strafbaar feit, maar wat zijn nou de voornaamste 2 doelen van een straf opleggen?
1.Vergelding :leedtoevoeging , zorgt voor morelegenoegdoening
2.Preventie : mensen willen geen straf krijgen, dus het gedrag tot een straf leidt, zullen mensen zoveel mogelijk voorkomen. Preventie valt ook weer onder te delen in twee soorten preventie:
1. Speciale preventie: het voorkomen/ontmoedigen dat iemand die gestraft is, opnieuw de fout in gaat
2. Generale preventie: dit is een vorm van afschrikking. Hierbij is de gestrafte een voorbeeld voor potentiële wetsovertreders en zorgt ervoor dat deze worden afgeschrikt. -
1.2 Plaats van het Strafrecht
Dit is een preview. Er zijn 47 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.2
Laat hier meer flashcards zien -
Waar houdt strafrecht zich mee bezig, wat is de kern waar het om gaat?
Het gaat eenvoudig gezegd om het straffen van personen die strafbare feiten hebben gepleegd. Het regelt wie straf krijgt en waarvoor. -
Wat is een kenmerkend verschil tussen het civielrechtelijke (burgerlijke) rechtsgebied en het strafrechtelijke rechtsgebied?
Het civiele (burgerlijke) recht regelt de verhouding tussen burgers onderling. Het strafrechtelijke (privaat) recht regelt de verhouding tussen burger en overheid.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Onderwerpen gerelateerd aan Samenvatting: Grondtrekken Van Het Nederlandse Strafrecht
-
Inleiding - Eerste kennismaking
-
Inleiding - Plaats van het Strafrecht
-
Inleiding - Doelen van straffen
-
Inleiding - Materieel strafrecht, formeel strafrecht en sanctierecht
-
Inleiding - De opbouw van het wb van strafrecht en wb van strafvordering
-
Inleiding - De invloed van internationaal en supranationaal recht
-
Inleiding materieel strafrecht - De opbouw van het strafbare feit in 4 componenten - Het vierlagenmodel
-
Inleiding materieel strafrecht - De opbouw van het strafbare feit in 4 componenten - De menselijke gedraging
-
Inleiding materieel strafrecht - De opbouw van het strafbare feit in 4 componenten - De wettelijke delictsomschrijving
-
Inleiding materieel strafrecht - De opbouw van het strafbare feit in 4 componenten - De wederrechtelijkheid
-
Inleiding materieel strafrecht - De opbouw van het strafbare feit in 4 componenten - De schuld
-
Inleiding materieel strafrecht - Legaliteit en interpretatie
-
Inleiding materieel strafrecht - Bestanddelen en elementen
-
Inleiding materieel strafrecht - Soorten delicten
-
Inleiding materieel strafrecht - Causaliteit
-
Opzet en schuld - Inleiding
-
Opzet en schuld - Graden van opzet - Inleiding
-
Opzet en schuld - Graden van opzet - De wijze waarop opzet in de wet is omschreven
-
Opzet en schuld - Graden van opzet - Opzet en geobjectiveerde delictsbestanddelen
-
Opzet en schuld - Graden van opzet - Door het gevolg gekwalificeerde delicten
-
Opzet en schuld - Culpa - Nogmaals terminologie
-
Opzet en schuld - Culpa - Inhoud van de culpa
-
Opzet en schuld - Culpa - Bewuste en onbewuste culpa
-
Opzet en schuld - De grens tussen bewuste culpa en voorwaardelijke opzet
-
Strafuitsluitingsgronden - Wettelijke strafuitsluitingsgronden
-
Strafuitsluitingsgronden - Ongeschreven strafuitsluitingsgronden - AVAS afwezigheid van alle schuld
-
Strafuitsluitingsgronden - Ongeschreven strafuitsluitingsgronden - Ontbreken van de materiële wederrechtelijkheid
-
Deelneming - uitlokking - opzet en gedraging van de uitgelokte
-
Deelneming - medeplichtigheid
-
Inleiding strafprocesrecht - Een eenvoudige strafzaak
-
Inleiding strafprocesrecht - Procesdeelnemers - Algemeen
-
Inleiding strafprocesrecht - Procesdeelnemers - Rechten van de verdachte
-
Inleiding strafprocesrecht - Procesfasen
-
Inleiding strafprocesrecht - Proceshandelingen - Bestanddelen van de bevoegdheidsverlenende norm
-
Inleiding strafprocesrecht - Proceshandelingen - Beginselen van een behoorlijke procesorde
-
Het voorbereidend onderzoek - Inleiding
-
Het voorbereidend onderzoek - Opsporingsonderzoek
-
Het voorbereidend onderzoek - Opsporingsbevoegdheden - Inleiding
-
Het voorbereidend onderzoek - Opsporingsbevoegdheden - Aaanhouding
-
Het voorbereidend onderzoek - Opsporingsbevoegdheden - Voorlopige hechtenis
-
Het voorbereidend onderzoek - Opsporingsbevoegdheden - betreden van plaatsen
-
Vervolging - Vervolgingsbeletselen
-
Het onderzoek ter terechtzitting - Karakter onderzoek ter terechtzitting
-
Het onderzoek ter terechtzitting - Wat zitting vooraf gaat - De tenlastelegging
-
Het onderzoek ter terechtzitting - Wat zitting vooraf gaat - De rechters
-
Het onderzoek ter terechtzitting - Bijzonderheden
-
Het rechtelijke beslissingschema
-
Bewijsrecht - Tijdens het onderzoek ter terechtzitting verzameld materiaal - Verklaring verdachte 341 sv
-
Bewijsrecht - Tijdens het onderzoek ter terechtzitting verzameld materiaal - Verklaring getuige 342 sv
-
Bewijsrecht - Niet tijdens het onderzoek ter terechtzitting verzameld bewijsmateriaal: schriftelijke bescheiden 344 sv
-
Bewijsrecht - Bewijsminimum regels
-
Straffen en maatregelen - inleiding
-
Straffen en maatregelen - gevangenisstraf en hechtenis - Taakstraf
-
Straffen en maatregelen - gevangenisstraf en hechtenis - Geldboete
-
Straffen en maatregelen - Bijkomende straffen
-
Straffen en maatregelen - Maatregelen - Ontnemingsmaatregel
-
Straffen en maatregelen - Maatregelen - Terbeschikkingstelling
-
Straffen en maatregelen - Straftoemeting
-
Rechtsmiddelen - Cassatieberoep - Procedurele regels
-
Rechtsmiddelen - Aan rechtsmiddelen verwante figuren
-
Mensenrechten en strafrecht
-
Strafrechtelijke rechtsvinding - Een methode van rechtsvinding















