Module -Van enzymen naar hormonen - Hormonen
16 belangrijke vragen over Module -Van enzymen naar hormonen - Hormonen
Wat zijn de wateroplosbare hormooncategorieën?
- Peptides (lange keten aminozuren): bijv. GH
- Glycoproteïnes: zoals LH, FSH en TH > lijken erg op elkaar > beïnvloeden allen dezelfde receptor.
- Polypeptides: zijn heel erg lang zoals endorfines, glucagon, oxitocine, en adrenocorticotrope hormoon.
- Amines: adrenaline, noradrenaline, serotonine en melatonine.
Wat zijn de vetoplosbare hormooncategorieën?
- Thyroxine (uit L-thyroxine) is het enige amine dat vetoplosbaar is > komt onder andere omdat receptor in de celkern zit, moet dus snel de de (vette) celwand. Thyroxine (tetraiodothyronine: T4) en triiodothyronine (T3).
- Steroïden: cholesterol is een precursor van alle steroïden > oestrogeen, glucocorticoid (cortisol), mineralocortisol (aldosteron), testosteron en progestines (oa progesteron).
- Derivaten van arachidonzuur > leukotrines, prostaglandines en tromboxaan.
Worden hormonen met een zekere constante of juist meer ritmisch geproduceerd?
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Wat staan de woorden Nadir en Acrofase voor in het licht van hormonale functies?
Nadir betekent weinig substraat (stof) en veel receptoren.
Acrofase betekent veel substraat en weinig receptoren.
Wat is de invloed van een nachtdienst van vijf opeenvolgende dagen (8 uur slaapdelay) op de cortisolspiegel?
Wat is de cortisol awakeningrespons?
Wat is de activatie invloed van hormomen?
Wat doet het hormoon aprosin?
Wat is de man/vrouwverdeling bij DM typ1, de ziekte van Graves en Hashimoto's thyroiditis?
- DM1 heeft een gelijke man/vrouw verdeling
- Graves en Hashimoto's thyroiditis komen beide meer bij vrouwen voor dan bij mannen
Wat is cel-cel communicatie?
Rennen genen achter hormonen aan, of hormonen achter genen aan?
Waarom heeft het paleolitische fenotype, meer problemen gekregen tijdens de industriële revolutie dan het akkerbouwer fenotype?
Door de overdaad die ontstond tijdens de industriële revolutie kon het akkerbouwer fenotype dit goed compenseren. Echter, het paleolitische fenotype wordt dik, ziek, krijgt acné, acanthosis nigricans etc.
Wat zijn de kenmerken van respectievelijk het akkerbouwer en het paleolitische geno- en fenotype?
- Akkerbouwer geno- en fenotype: vroeg in leven hoog BMI (0-6 mdn)m aantal adipocyten is groter, volume wel kleiner = later minder kans op DM II en overgewicht.
- Jager/verzamelaar geno- en fenotype: later hoog BMI (>3 jaar) = kleiner aantal adipocyten, wel groter volume = grotere kans DM II en overgewicht.
Wat is een proxy hormoon?
- Een stof die vergelijkbare effecten heeft als een natuurlijk hormoon
- Kan worden gebruikt voor medicinale behandelingen
- Is ontworpen om specifieke doelen in het lichaam te bereiken zonder dat het natuurlijke hormoon nodig is
Hoe zorgt een (zintuiglijke) prikkel uiteindelijk voor veranderingen van het fenotype?
Wat is de invloed van testosteron en cortisol tijdens en na een (zware) training?
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















