Samenvatting: Experimentele Onderzoeks Methoden Athena
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Experimentele onderzoeks methoden Athena
-
1 Sessie 3
-
1.2 Twee-weg ANOVA
Dit is een preview. Er zijn 18 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.2
Laat hier meer flashcards zien -
Een twee-weg ANOVA heeft 4 hypothesen
Waar -
De hypothese van de twee weg ANOVA zijn: 1 is er een effect, 2 is er een hoofd effect van de eerste factor, 3 is er een hoofdeffect van de tweede factor en, 4 is er een interactie effect
Waar -
Als er een interactie effect is bij een twee weg ANOVA, kijk je naar de simple effects analyse, omdat je de hoofdfactoren niet mag interpreteren
Waar -
In de syntax van een twee weg ANOVA hoort het interactie effect benoemd te worden (de twee factoren met een * ertussen). Bij het design horen alle factoren + het interactie effect te staan
Waar -
In de syntax van een twee weg ANOVA staat bij de PRINT = ETASQ DESCRIPTIVE HOMOGENEITY
Waar -
In een twee weg ANOVA is er minder variantie binnen de groepen (SSw), want de toegevoegde factoren verklaren meer variantie. M.a.w. Je hebt meer kennis over de verschillen en kan meer variantie verklaren
Waar -
Met een twee weg ANOVA kan je effecten van de andere variabelen controleren
Waar -
Een twee weg ANOVA heeft een grotere power mits het effect B of AB significant is (dus minimaal een H0 moet onjuist zijn, de SSw wordt dan minder, dus meer verklaarde variantie
Waar -
Er is interactie als het effect van Factor A afhangt van het level van factor B, de lijnen in een grafiek zouden bij geen interactie niet doorkruisen (ordinaal = lijnen lopen gelijk)
Waar -
Als er interactie is bij een twee weg ANOVA, dan ga je verschillende een weg ANOVA uitvoeren
Waar
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden















