Bestuursorgaan en belanghebbende begrip - Algemeen en bijzonder deel
7 belangrijke vragen over Bestuursorgaan en belanghebbende begrip - Algemeen en bijzonder deel
Kunt uitleggen wie als subjecten aan de kant van ‘de burger’ in het bestuursrecht fungeren en dat u daar een concreet voorbeeld van kunt geven
- Natuurlijke personen (individuele burgers)
- Rechtspersonen (bijvoorbeeld bedrijven, stichtingen)
- Publiekrechtelijke rechtspersonen (zoals gemeentes)
- Een concreet voorbeeld is een individuele burger die bezwaar maakt tegen een besluit van de gemeente, zoals het weigeren van een vergunning voor een bouwproject.
Kunt aangeven welk subject aan de kant van ‘het bestuur’ in het bestuursrecht fungeert (het bestuursorgaan) en welke kenmerken deze heeft
- Aan de kant van het bestuur in het bestuursrecht fungeert het bestuursorgaan.
- Enkele kenmerken van het bestuursorgaan zijn:
- Het voert taken en bevoegdheden uit namens de overheid.
- Het handelt binnen de kaders van de wet en het algemeen belang.
- Het moet besluiten zorgvuldig en gemotiveerd nemen.
- Het bestuursorgaan is gebonden aan regels en procedures.
Duidelijk kunt maken aan de hand van voorbeelden welke organen vallen onder het in artikel 1:1, eerste lid, onder a van de Awb bedoelde begrip
Art 1:1, eerste lid Awb
Onder bestuursorgaan wordt verstaan:
a. Een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, of
(a-orgaan)
b. Een ander persoon of college, met enig openbaar gezag bekleed.
(b-orgaan)
1. Voorbeelden van organen die vallen onder het begrip zoals bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, onder a van de Awb zijn:
- Staat der Nederlanden
- -Waterschappen
- - Agentschappen, zoals de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)
- - Provincies, zoals de Provincie Noord-Holland
- - Gemeenten, zoals de Gemeente Amsterdam
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Kunt aangeven waarop moet worden gelet bij het bepalen of een ‘persoon’ als een ‘orgaan’ van een krachtens publiekrecht ingestelde rechtspersoon kan worden beschouwd
Duidelijk kunt maken aan de hand van voorbeelden welke organen vallen onder het in artikel 1:1, eerste lid, onder b van de Awb bedoelde begrip
Art 1:1, eerste lid Awb
Onder bestuursorgaan wordt verstaan:
a. Een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld, of
(a-orgaan)
b. Een ander persoon of college, met enig openbaar gezag bekleed.
(b-orgaan)
Voorbeelden b-orgaan:
- Een erkende garagehouder die een APK-keuring verricht (artt. 78 en 83 WvW 1994)
- verkeersregelaar bij een basisschool (art. 12 WvW 1994 jo. Regeling verkeersregelaars 2009)
- stichtingsbestuur van de Vrije Universiteit
-Stichtingsbestuur van Radbound Universiteit (bijzondere onderwijsinstellingen) oefenen openbaar gezag uit.
Kunt aangeven wanneer sprake is van een statutair belanghebbende (art. 1.3, derde lid Awb)
Art. 1:2, derde lid Awb:
Ten aanzien van rechtspersonen worden als hun belangen mede beschouwd de algemene en collectieve belangen die zij krachtens hun doelstellingen en blijkens hun feitelijke werkzaamheden in het bijzonder behartigen.
Onder rechtspersonen wordt verstaan verenigingen en stichtingen, vervolgens moet het gaan om rechtspersonen die algemene of collectieve belangen behartigen.
Algemene belangen zijn bijvoorbeeld de bescherming van de natuur, milieu of bescherming/behoudt van monumenten.
Collectieve belangen: behartigen van belangen in economische belangen
Vb. LTO
Bij het behartigen van de belangen is nog een belangrijke eis namelijk die moet gebaseerd zijn op de doelstellingen van de stichtingen of verenigingen de wetgever spreekt hier over doelstellingen maar eigenlijk gaat het over statutaire doelstellingen. Dan is het feit dat in de statuten bepaalde doelstellingen zijn opgenomen niet voldoende want er moeten ook feitelijke werkzaamheden worden verricht die voort vloeien uit die statutaire doelstellingen.
Elementen art. 1:2 lid 3 Awb:
- algemene en collectieve belangen
- (statutaire) doelstellingen
- feitelijke werkzaamheden die samenhangen met statutaire doelstellingen.
De relevante Unierechtelijke en internationaalrechtelijke aspecten van het Nederlandse belanghebbende-begrip kent
Wanneer nu op grond van een te beperkte uitleg van het nationale belanghebbende begrip de toegang tot de rechter in dit soort gevallen wordt geblokkeerd of belemmerd ontstaat er een spanningsveld tussen art. 1:2 Awb en het relevante Europese en/of internationale recht. Een bekend voorbeeld betreft de situatie waarin een persoon door de Nederlandse bestuursrechter wegens 'afgeleid beland' niet wordt aangemerkt als belanghebbende bij een besluit, terwijl diens burgerlijke rechter door dit besluit, terwijl diens burgerlijke rechter door dit besluit- naar EVRM maatstaven beschouwd - worden vastgesteld of geraakt.
De openheid en kneedbaarheid van het belanghebbendebegrip maakt het ook mogelijk om spanningen met andere verdragsrechtelijke verplichtingen te ondervangen. Te wijzen valt bijvoorbeeld op de milieurechtelijke verplichtingen die voortvloeien uit het Verdrag van Aarhus dat de toegang tot milieu-informatie voor eenieder en de rechtsbescherming in dit kader regelt. Dit verdrag waarborgt tevens de toegang tot milieurechtelijke procedures voor 'the public affected or likely to be effected by, or having interest in, the environmental descision-making'. Hier kan men in beginsel met het nationale belanghebbendebegrip uit de voeten en ook met de in discussie zijnde strengere toepassing van art. 1:2 lid 3 Awb in de sfeer van de algemeen belangacties. Wat dit laatste betreft is echter voorzichtigheid geboden, zeker als de eisen te hoog zouden worden opgeschroefd.
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















