Onderwerp 2: De Franse Revolutie

4 belangrijke vragen over Onderwerp 2: De Franse Revolutie

Frankrijk steunt de Amerikaanse staten in hun onafhankelijkheidsstrijd. Dit leidt echter tot ... Waardoor er een noodzaak tot het heffen van nieuwe belastingen ontstaat. In 1789 roept Lodewijk XVI daarom de ... Bijeen. Dit zijn de vertegenwoordigers van de drie standen: geestelijkheid, adel en burgerij. Deze derde stand, de burgerij, scheidt zich echter af en roept de ... ... Uit.


Dit leidde al snel tot de afschaffing van het feodale stelsel en de zogenaamde Augustusdecreten stelden in dat alle Franse burgers gelijke rechten moesten hebben, zonder regionale verschillen.

Wat volgde hierop in 1789, waardoor universele rechten als vrijheid, eigendom en veiligheid werden vastgelegd?

Een tekort in de staatskas - Staten-Generaal - Nationale vergadering

Antwoord op de vraag
De verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger

In welke zin zorgde de revolutie met name voor een breuk met het 'ancien regime'?

Door de Franse revolutie ontstond een nieuwe visie op de wet, waardoor wetgeving de enige bron van autoriteit werd. Bij het ancien regime ontstond de wet uit een mix van gewoontes, kerkelijke regels, koninklijke doctrines etc.

Wat werd bepaald in de constitutie van 1791?

Vooral belangrijk was dat er een nieuwe publieke macht kwam. Niet langer was de macht verdeeld onder de koning, lokale heren, de kerk en het feodale stelsel maar er kwam een constitutionele monarchie.


Daarbij kregen burgers gelijke rechten (godsdienstvrijheid, vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vereniging).
-> Let op: dit gold alleen voor 'actieve' burgers en niet voor vrouwen en slaven want zij werden gezien als 'passieve' burgers.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Drie (juridische) gevolgen van de Franse Revolutie:

1. (Eenwording rechtssubject)
-Vóór 1789: rechten afhankelijk van je stand
-Na 1789: ...

2. (Eenwording eigendom)
-Vóór 1789: er bestaan verschillende vormen van eigendom, zoals het feodale stelsel waarbij er gedeelde eigendom is van de leenheer en de vazal.
-Na 1789: ...

3. (Eenwording van overheidsmacht)
-Vóór 1789: overheidsmacht verdeeld over verschillende actoren, zoals de kerk, koning, feodale heren etc.
-Na 1789:

1.

Na 1789: iedere burger heeft gelijke rechten (tenzij je een passieve burger bent)


2.
Na 1789: er is slechts één ondeelbaar eigendomsrecht. Dit betekende het einde van het feodale stelsel.


3.
Na 1789: soevereiniteit is één, ondeelbaar en onvervreemdbaar. Ofwel: de macht was niet langer verdeeld over verschillende actoren en het volk had de macht.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo