Samenvatting: Internationale Handels- En Betalingstechnieken

Studiemateriaal generieke omslagafbeelding
  • Deze + 400k samenvattingen
  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Gebruik deze samenvatting
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo

Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Internationale Handels- en betalingstechnieken

  • 1 Hoofdstuk 1: Internationale Handel

    Dit is een preview. Er zijn 3 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1
    Laat hier meer flashcards zien

  • Wat kan je afleiden van praktijkvoorbeeld: APPLE TV 4K?

    • Deze case illustreert concrete aspecten van internationale handel: logistiek (hoe je goederen van overzee vervoert), de praktische toepassing van Incoterms (CIF) en de rol van betalingstechnieken (documentair krediet).
    • Het praktijkvoorbeeld laat zien hoe theoretische concepten uit het boek (zoals Incoterms en betalingswijzen) in realistische handelsscenario’s worden toegepast.
  • 1.2 De redenen voor internationale handel?

  • Waarom wil iedereen meer handel drijven?

    • Niet overal beschikbaar (bv.: aardolie, zeldzame metalen, koffie en bananen)
    • Het is goedkoper (bv.: garens, confectiekleding, elektronica, schoenen) 
    • Betere vervoerstechniek (bv.: koelschepen, tankschepen, containervervoer, luchtvervoer en pijpleiding) 
    • Globalisering van de economie (bv.: we leren andere producten kennen, producten worden maar op één plaats geproduceerd) 
  • Wat kan je afleiden uit illustratie 3: vergelijking internationale handel vroeger en nu?

    • De handel is veel sneller en efficiënter worden: nu gebeurt het leveren van de handel effectiever en efficiënter  dan vroeger 
    • Betalingstechnieken zijn sterk gemoderniseerd: overschrijvingen, kredietkaarten en een internationaal digitaal betaalsysteem 
    • De handel is veel globaler geworden: landen doen nu handel met elkaar i.p.v. Handel met hun koloniën en Europese landen. 
    • Technologische ontwikkelen maken marketinginspanningen beter mogelijk
    • Handelsgoederen zijn veranderd: vroeger meer fysieke goederen, nu meer digitale en virtuele goederen. 
  • 1.3.3 Economische samenwerking

  • Leg de volgende 3 verdragen kort uit: Verdrag van Rome, Verdrag van Maastricht en Verdrag van Lissabon.

    1. Verdrag van Rome (1958): onderhandelingen tot het vormen van de EEG met 6 lidstaten. 
    2. Verdrag van Maastricht (1979): onderhandelingen met alle lidstaten tot een monetaire samenwerking. Dit moet leiden tot de Economische en Monetaire Unie (EMU) 
    3. Verdrag van Lissabon (1991): hervormingen binnen de EEG. Deze moeten leiden tot de EU. Kernhervormingen: institutionele hervormingen, beleidshervormingen en democratische hervormingen. 
  • Wat houdt de EMU (Economische Monetaire Unie) in?

    1. Douane - unie:
      Vrij verkeer van goederen, gemeenschappelijk buitentarief (GBT) en gemeenschappelijke handelspolitiek.
    2. Gemeenschappelijke markt:
      Zelfde kenmerken als de douane-unie en vrij verkeer van producten en diensten.
    3. Economische Unie
      Dezelfde kenmerken als de gemeenschappelijke markt en een geharmoniseerd economisch beleid.
    4. Monetaire Unie:
      Dezelfde kenmerken als een economische unie en een geharmoniseerd monetair beleid (afspraken op vlak van rente, krediet, wisselkoersen, munten etc.) 
  • 1.3.4 Het Schengenakkoord

    Dit is een preview. Er zijn 8 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.3.4
    Laat hier meer flashcards zien

  • Door hoeveel landen werd dit ondertekend?

    29 landen.
  • Welke landen maken geen deel uit van het Schengenakkoord?

    Bulgarije en Roemenië.
  • Hoe kunnen lidstaten sinds 2024 een ontheffing verantwoorden?

    Men moet een verzoek voorleggen aan de Commissie, de lidstaten en het Europees Parlement.
  • 1.3.5 Hoe lid worden?

  • Wat zijn de kwalificerende criteria om lid te kunnen worden van de EU?

    1. Een toekomstig - lidstaat moet stabiele instellingen hebben die een waarborg vormen voor de Democratie, de rechtstaat en de mensenrechten. 
    2. Een toekomstig- lidstaat moet een goed draaiende economie hebben. 
    3. Een toekomstig- lidstaat moet diverse politieke, economische en monetaire doelstellingen van de EU onderschrijven. 
    4. Een toekomstig-lidstaat moet de administratieve structuren van het land kunnen aanpassen. 
  • 1.3.7 Toekomstige lidstaten?

    Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.3.7
    Laat hier meer flashcards zien

  • Wat is het EFTA/EVA?

    European Free Trade Association / Europese Vrijhandelsassociatie

    Een handelsakkoord die nauwe connecties houdt met landen die GEEN lid zijn van de EU.

Om verder te lezen, klik hier:

Lees volledige samenvatting
Deze samenvatting +380.000 andere samenvattingen Een unieke studietool Een oefentool voor deze samenvatting Studiecoaching met filmpjes
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart