1001 tot en met 1004
14 belangrijke vragen over 1001 tot en met 1004
Nr 1001 Uitvaardiging dwangbevel
De bs die NIET tijdig tot betaling overgaat, zal een aanmaning tot betaling ontvangen, art. 11 INV.
Wat doet de Ontvanger indien de bs ook na de aanmaning NIET tot betaling overgaat?
Vanwege het open systeem kan de Ontvanger ook nog ergens anders voor kiezen om te innen. Waarvoor?
Maar: hoge kosten. Dus Ontvanger kiest hier in de regel NIET voor.
Het overschakelen van fiscale bevoegdheden op civielrechtelijke bevoegdheden en terug moet een toets kunnen doorstaan. Welke? En welke bepaling van de leidraad moet de Ontvanger hiervoor in acht nemen?
ABBB.
3.1 LI moet hij hiervoor in acht nemen.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Ex art. 4:119 lid 1 Awb wordt vermeld dat bij het dwangbevel tevens de aanmaningsvergoeding, de wettelijke rente en de kosten van het dwangbevel worden ingevorderd. Maar in de INV wordt hiervan afgeweken.
Waar en hoezo?
Er zijn wat verschillen mbt de bekendmaking/betekening van dwangbevelen.
Omschrijf ze
>In de INV wordt uitgegaan van betekening dwangbevel overeenkomstig de regels van Rv.
-De INV kent sinds 1 januari 2004 de mogelijkheid van betekening van een dwangbevel per post. Deze mogelijkheid kent de Awb niet.
-In art. 13 lid 1 en 3 INV wordt expliciet afgeweken van art. 4:123 Awb.
Het dwangbevel is volgens de wetsgeschiedenis een besluit in de zin van Awb.
Dient de wijze van bekendmaking van het dwangbevel dan ook plaats te vinden conform art 3:41 Awb?
Art. 13 lid 1 INV geldt!
Dwangbevelen kunnen dus ook ter post worden bezorgd, dit wordt de bureaubetekening genoemd. (Via PostNL).
In art. 23.8 Instructie is waangegeven dat de BD de voorkeur geeft aan het betekenen van het dwangbevel per post. Wanneer is betekening per post niet mogelijk?
-Bij versnelde invordering ex 15 INV in het geval een dwangbevel zonder voorafgaande aanmaning wordt uitgevaardigd
-In het geval reeds een aanmaning is verzonden en in afwijking van de daarbij gestelde betalingstermijn een dwangbevel terstond wordt uitgevaardigd.
-Wanneer een dwangbevel terstond na het bevel tot betaling ten uitvoer wordt gelegd (13 lid 4 sub b INV).
Waar staat de fictieve betekeningsdatum van 2 dagen later in de wet?
Voor welke artikelen geldt deze fictieve betekeningsdatum?
Alleen voor de toepassing van art. 14, 19 en 20 INV
Werkt de fictieve betekeningsdatum van 2 dagen later ook voor het moment van in rekening brengen van betekeningskosten?
Vanaf wanneer kan het dwangbevel (pas) dienen als titel voor executie?
>Let op art. 4:122 Awb: essentiële gegevens die erop moeten staan.
Nr 1003
Het dwangbevel levert een executoriale titel op die met toepassing van de voorschriften van Rv ten uitvoer kan worden gelegd, art. 4:116 Awb.
Wat geldt bij betekening per post?
Wanneer gebeurt ^ het voorgaande NIET? (Dus wanneer dwangbevel terstond uitvoerbaar)?
Dit staat in art. 14 lid 2 INV.
[Het dwangbevel kan, indien het bevel tot betaling reeds is gedaan, terstond ten uitvoer worden gelegd.]
Nr 1004
Er zijn 2 redenen voor het gelijktijdig betekenen van het dwangbevel en het bevel tot betaling. Noem ze.
>Zie bijv art. 439 lid 2 en 502 lid 3 Rv
2. Art. 19 lid 5 INV: voor het doen van een vordering is een betekend dwangbevel met bevel tot betaling benodigd.
Wat is een nadeel van gelijktijdige betekening?
>Bijv bij derdenbeslag.
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















