Samenvatting: Inv. Opleiding: Vak 1 - Inleiding Belastingrecht
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van INV. opleiding: vak 1 - Inleiding Belastingrecht
-
1 H1 - Inleiding belastingen
Dit is een preview. Er zijn 38 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1
Laat hier meer flashcards zien -
De overdrachtsbelasting en de onroerendezaakbelasting zijn voorbeelden van rijksbelastingen. J of OJ?
Onjuist. De onroerendezaakbelasting is een gemeentelijke belasting. -
Belastingrecht is een onderdeel van het privaatrecht omdat ook burgers hier mee te maken hebben.
Onjuist. Het belastingrecht valt onder het publiekrecht omdat het gaat om de
verhouding tussen de overheid en de burger. -
Loonbelasting is een indirecte belasting omdat de werkgever de loonbelasting inhoudt van het loon.
Onjuist. De loonbelasting wordt in mindering gebracht op het loon van de werknemer dus is het een directe belasting. -
Inkomstenbelasting is een aangiftebelasting want je moet eerst aangifte doen voordat een aanslag wordt opgelegd.
Onjuist. De inkomstenbelasting is een aanslagbelasting omdat pas belasting hoeft te worden betaald als een aanslag is opgelegd. -
Accijns op bijvoorbeeld sterke drank is een zakelijke belasting en geen persoonlijke belasting ondanks dat de overheid met die belasting invloed wil uitoefenen op het bestedingsgedrag van mensen.
Juist. Accijns wordt geheven over de aankoop van een specifiek product ongeacht de omstandigheden van de persoon die dat artikel koopt. -
Het progressieve tarief over arbeidsinkomen is een voorbeeld van een toepassing van het draagkrachtbeginsel.
Juist. Burgers met een hoog inkomen betalen meer inkomstenbelasting/loonbelasting omdat het tarief stijgt bij een hoger inkomen. -
Het belastingobject is de persoon van wie de belasting wordt geheven
Onjuist. Degene van wie de belasting wordt geheven is het belastingsubject. -
Het vertrouwensbeginsel houdt in dat de burger erop mag vertrouwen dat de overheid zorgvuldig met persoonlijke gegevens wordt omgegaan.
Onjuist. Het vertrouwensbeginsel betekent dat de overheid zich aan een gedane toezegging moet houden. -
De afdelingen heffing en inning behoren allebei tot de Belastingdienst.
Juist. De heffing ziet op het opleggen van aanslagen en verwerken van aangiften, de inning over de invordering van de belastinggeleden. Samen horen ze tot de Belastingdienst. -
Welke belastingen worden door de ondernemer altijd doorberekend in de consumentenprijs? Noteer alle antwoorden die goed zijn.a. Accijnsb. Omzetbelastingc. Vennootschapsbelasting
A en B
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden















