Versnelde invordering

18 belangrijke vragen over Versnelde invordering

Nr 602 Onmiddellijke invorderbaarheid en versnelde invordering

Art. 10 INV verklaart, in afwijking van art. 9 INV, de belastingschuld 'terstond invorderbaar'. Dat wil zeggen: zonder enige betalingstermijn.

Zie voor de gevallen, het artikel zelf.

Wat is een belangrijke uitzondering en wat houdt deze in?

In gevallen als bedoeld in sub a, e, f en g is een voorlopige aanslag toch niet versneld opeisbaar indien het een voorlopige aanslag IB of VPB betreft. Zie art 10 lid 2 INV.

De VA moet dan een dagtekening hebben die ligt in het jaar waarover deze is vastgesteld.

Waar moet het volgens de MvT omgaan, als de Ontvanger versneld wil invorderen?

Welk artikel uit de Instructie pak je erbij?

Om situaties waarin moet worden aangenomen dat de belastingaanslag NIET zal worden betaald, terwijl bovendien verhaalsobjecten dreigen te verdwijnen.

Art. 19.5 Instr pak je er bij.

Wat volgt uit art. 15 INV, indien aan de voorwaarden van art. 10 INV is voldaan?

-Verzending van een aanmaning kan dan achterwege blijven
-De Ontvanger kan zich zonder aanmaning een executoriale titel in de vorm van een dwangbevel bezorgen.
-Hij hoeft dus ook niet te wachten tot 2 weken ná dagtekening van de aanmaning (art. 15 lid 1 letter a INV)
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Uitgangspunt is dat een dwangbevel op grond van art. 4:116 Awb jo art. 14 INV ten uitvoer wordt gelegd ex bepalingen Rv.

Maar art. 15 lid 1 sub b c d maakt hier een inbreuk op. Hoezo?

In die zin dat na het bevel tot betaling niet de in Rv gestelde termijn van 2 dagen hoeft te worden afgewacht alvorens tot executie kan worden overgegaan.

Versnelde invordering zonder vooraankondiging van de aanslag kan onder omstandigheden tot gevolg hebben dat het recht op verdediging wordt geschonden (naheffingsaanslag OB/uitnodiging tot betaling in douanerecht).

Maar, waar kan een aanwezige gegronde vrees voor verduistering wel een rechtvaardiging voor vormen?

Om voorafgaand horen achterwege te laten, omdat het algemeen belang zich daartegen verzet.

>MITS dit in de bezwaarfase wordt 'gerepareerd'.

Nr 603 Situatie a van artikel 10 INV

Voor de praktijk betekent dit niet dat er gelijk betaald zal moeten worden.

Zie nrs 1303 en 1315

Nr 604 Situatie b van artikel 10 INV

Gegronde vrees voor verduistering: zelfde hieronder verstaan als art. 711 Rv. (Cons beslag).

In de MvT is aangegeven dat de Ontvanger zich moet afvragen (teneinde hier een beroep op te kunnen doen):

1. Of inderdaad redelijkerwijze te verwachten is dat de bs goederen zal verduisteren;
2. Of te verwachten is dat de verduistering zal geschieden in een mate dat daardoor de invorderbaarheid van de belastingaanslag ernstig in gevaar zal komen;
3. Op welke bepaalde f&o die verwachtingen zijn gebaseerd.

Naar wiens gedrag kijk je voor gegronde vrees voor verduistering?

Naar gedrag van de bs zelf, niet naar de groep waartoe hij behoort of vermoed wordt te behoren.

Nr 605 Situatie c van art. 10 INV

Metterwoon verlaten van NL.

Wat wordt hieronder verstaan?

Dat de bs de bedoeling moet hebben om zijn hoofdverblijf naar het buitenland te verplaatsen.

Nr 606 Situatie d van art. 10 INV

De bs die buiten NL woont of gevestigd is en geen vaste woonplaats of plaats van vestiging heeft.

Let op, het enkele feit dat hiervan sprake is, is onvoldoende om versneld in te vorderen.

Nr 607 Situatie e van art. 10 INV

Wat is de ratio van deze bepaling?

Voorkomen dat bs wiens (oude) belastingaanslag uit de opbrengst van een verkoop van voor die aanslag in beslag genomen goederen is voldaan, na bepaalde tijd wordt geconfronteerd met beslaglegging voor belastingaanslagen die reeds bestonden, maar vanwege betalingstermijn van 9 INV nog niet invorderbaar waren bij de verkoop.

Nr 608 Situatie f van art 10 INV

Bs zal in dit geval in betalingsproblemen verkeren en niet in staat zijn de opgelegde belastingaanslagen tijdig te voldoen.

Wanneer wordt de versnelde invordering pas ingezet?

Als de Ontvanger op de hoogte is van een voorgenomen verkoop door derden.

Nr 609 Situatie g van art. 10 INV

Het gaat hier niet alleen om de belastingaanslag waarvoor de vordering wordt voldaan, maar ook voor ...

De overige, nieuw opgekomen belastingschulden van de belastingschuldige.

Zie 10.7 LI ook nog.

Nr 610 Situatie h van art. 10 INV

Douanerecht

Zie in dit verband ook nog lid 3 van art. 10 INV.

Nr. 611 Versnelde invordering en/of conservatoir beslag

Op grond van het open systeem heeft de Ontvanger een keuze. Wat voor keuze bij gegronde vrees voor verduistering?

De keuze tussen:
1. Civielrechtelijk conservatoir beslag
2. Fiscaalrechtelijk versneld executoriaal beslag

Hij dient rekening te houden met art. 3.1 LI

Wat is vereist voor het leggen van conservatoir beslag?

Wat toetst deze?

Verlof van de civiele voorlopige voorzieningenrechter.

Deze toetst of Ontvanger van het bestaan van een belastingschuld en/of aansprakelijkheid doet blijken. Art 700 lid 2 Rv.

Wat kan de Ontvanger op grond van art. 10 en 15 INV?

Met behulp van de onmiddellijke invorderbaarheid van art. 10 INV en de versnelde executiemogelijkheden van art. 15 INV onverwijld executoriaal beslag leggen.

>Daarvoor is geen verlof van de civiele voorzieningenrechter vereist.

Nadat (behalve voor versneld invorderen) door de civiele voorzieningenrechter verlof is gegeven tot conservatoir beslag, legt de deurwaarder het exploot.

Binnen een termijn van ten minste 8 dagen dient iets aanhangig te worden gemaakt. Wat is dat 'iets'?

De eis in hoofdzaak.

Overigens - in de praktijk is de termijn vaak 14 dagen.
Die termijn wordt gesteld door de civiele voorlopige voorzieningenrechter bij het verlenen van het verlof.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo