Ivb - 2e alinea tm alinea
4 belangrijke vragen over Ivb - 2e alinea tm alinea
Er is, naast de 2 genoemde stuitingsgronden van art. 4:105 Awb (lid 1 en 2) nog een stuitingsgrond. Welke?
>Let op, voor de Ontvanger geldt deze beperking niet. Art. 27 INV vult het artikel ten gunste van de Ontvanger aan.
Wat vult art. 27 INV ten gunste van de Ontvanger aan ^ ?
>Op grond van de bewijsregels zal in beginsel degene die zich beroept op stuiting van de verjaring de stuitingshandeling moeten bewijzen
De vraag is hoe stuiting van de verjaring kan plaatsvinden bij een rechtspersoon die is opgehouden te bestaan. Wanneer zal de Ontvanger dit bijvoorbeeld willen doen?
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Wat als de bs is opgehouden te bestaan of vermoedelijk opgehouden is te bestaan, maar er (nog) geen aansprakelijkstelling aan een derde is uitgebracht?
(Wat kan de Ontvanger dan doen)?
Zie art. 27 lid 3 INV. Let nog op lid 4 en 5, waarbij de Ontvanger rekening dient te houden
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















