Burgerlijk procesrecht - afd 2 (Inl. NL recht)

17 belangrijke vragen over Burgerlijk procesrecht - afd 2 (Inl. NL recht)

H4 afd 2 (vanaf deze FC gewoon H4 genoemd) start met par. 1 over de rechtsgebieden, de Grondwet, de soorten gerechten etc. Lees door op:

P121 t/m P123

H4.3 Als een zaak voor het eerst voor de rechter wordt gebracht en door hem wordt behandeld en beslist, spreken we van ... (vul in)

Vertel ook meer over de eventuele stappen daarna

Rechtspraak in eerste aanleg.

Rechtbank is daarvoor het bevoegde gerecht.
Wil men daartegen in hoger beroep, dan is het gerechtshof bevoegd.
Wie vervolgens in bezwaar wil tegen een uitspraak van het gerechtshof, kan bij de HR terecht. Dan spreekt men van cassatie.

H4.3 Waar vind ik de regels mbt de absolute bevoegdheid en wat is dat?

In de Wet RO.
In eerste aanleg: 42 t/m 45
Gerechtshoven: 60
HR: 78 RO

Absolute bevoegdheid (competentie). Daarin is bepaald welk soort gerecht bevoegd is.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

H4.3 In de rechtbank vinden processen (rechtsgebieden) plaats. Welke?

1. Burgerlijke zaken: handelszaken en familiezaken. Verzoek tot voornaamsverandering, echtscheidingsverzoek, etc.
2. Strafzaken: 45 lid 1 Wet RO.
3. Bestuurszaken en belastingzaken: 43 en 44 Wet RO.

H4.3 In de rechtbank vormen de kantonrechters een eigen afdeling. Welke is dat? Welke taak heeft de kantonrechter?

Dat is de sector kanton.
De zaken die zij behandelen worden kantonzaken genoemd.
De kantonrechter heeft een taak op alle drie de rechtsgebieden de net genoemd zijn.

H4.3 De kantonrechter is een alleensprekende rechter. In de rechtszaal zit in beginsel de kantonrechter alleen, maar daarop bestaat een uitzondering. Welke?

Als het over pachtzaken gaat. Dan oordeelt de pachtkamer die uit 3 leden bestaat: daarin hebben de kantonrechter en 2 deskundige leden zitting. Zie 48 lid 2 Wet RO.

H4.3 Waar vind ik de bevoegdheid van de kantonrechter in burgerlijke zaken?

Om welke 4 categorieën gaat het?

93 en 94 lid 1 Rv.

A) Zaken met een vordering t/m 25.000, inclusief rente
B) Zaken met een vordering van onbepaalde waarde
C) Zaken betreffende arbeidsovereenkomst, consumentenkoop, huurovereenkomst en huurkoop
D) Andere zaken ten aanzien waarvan de wet dit bepaalt

H4.3 Waar vind ik de bevoegdheid van de kantonrechter in strafzaken?

Staat omschreven in art. 382 Wetboek van Strafvordering

Vindt er in een strafzaak daarentegen een vervolging plaats voor het plegen van een misdrijf, dan geldt de hoofdregel van 45 Wet RO, en is binnen de rechtbank de sector strafrecht bevoegd.

H4.3 Waar vind ik de bevoegdheid van de kantonrechter in bestuurszaken?

In de Wet Mulder. (art. 9 lid 1 WAHV)

H4.3 Als de vraag van de absolute bevoegdheid is beantwoord (rechtbank, hof, HR), dan komt de vraag van de relatieve bevoegdheid aan de orde.

Welke van de 11 rechtbanken of welke van de 4 gerechtshoven is bevoegd, oftewel in welke plaats? Dat is de vraag van de relatieve bevoegdheid.

Hieronder weergegeven de hoofdregel(s) voor de burgerlijke zaken, strafzaken en bestuurszaken

Burgerlijke zaken: 99 lid 1 Rv: relatief bevoegd is de rechter van de woonplaats van de gedaagde. Rechtspersonen houden verblijf in de plaats waar zij zijn gevestigd, 1:10 lid 2 BW. Geen bevoegde rechter? Den Haag bevoegd, 109 Rv.

Strafzaken: relatief bevoegd is de rechter binnen wiens rechtsgebied het strafbare feit is begaan.

Bestuurszaken: relatieve bevoegdheid ingewikkelder, zie 8:7 lid 1 Awb en p132 e.v. Boek

H4.4 Wat is de voornaamste taak van het gerechtshof en waar vind ik dat?

Rechtspraak in hoger beroep, zie art. 60 lid 1 Wet RO.

Er is een aparte ondernemingskamer, art. 66 Wet RO.

H4.4 Bij de Hoge Raad is er geen sprake van hoger beroep, maar van beroep in cassatie.

Wat is het belangrijkste verschil in behandeling van hoger beroep en van cassatie?

Dat in cassatie de feiten niet opnieuw ter discussie staan. De HR is dus geen feitenrechter.

H4.4 Hoe verloopt (de niet onbeperkte, 80a lid 1 RO) toegang tot de Hoge Raad?

Als in een civiele zaak een procespartij beroep in cassatie instelt, geschiedt dit door het uitbrengen van een procesinleiding. Daarin staan een of meer cassatiemiddelen waarin gemotiveerd wordt aangegeven waarom de bestreden uitspraak van de lagere rechter voor cassatie wordt voorgedragen.

Prejeduciële vragen, zie 81a RO

H4.4 De HR behandelt tijdens het onderzoek geen feitelijke vragen, maar beoordeelt alleen of de lagere (feiten)rechter het recht goed heeft toegepast. Hij doet dat op 2 gronden. Welke en waar vind ik die?

In 79 RO zijn de cassatiegronden te vinden. Verzuim van vormen en schending van het recht.

P138/139

H4.4 Wat als de HR geen grond tot cassatie ziet?

Dan verwerpt hij het beroep.

H4.4 Wat als de HR de bestreden uitspraak onjuist vindt wegens een vormverzuim of wegens schending van het recht?

Dan vernietigt hij die uitspraak en geeft aan wat moet gebeuren, bijvoorbeeld de zaak terugwijzen (= opnieuw laten beoordelen)

H4.4 De taken van de procureur-generaal bij de HR worden in de praktijk grotendeels uitgevoerd door de advocaten-generaal. Hun belangrijkste taak bestaat uit het 'nemen van conclusie' in zowel burgerlijke zaken als strafzaken. Zie 111 lid 2 onder b RO

Zie voor meer, p140/141 boek

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo