ONDERDEEL 3 Heffingstechnieken - Inleiding

5 belangrijke vragen over ONDERDEEL 3 Heffingstechnieken - Inleiding

2. van de belangrijkste belastingmiddelen benoemen welke heffingstechniek van toepassing is

=IB en VPB = aanslag. OB en LB is aangifte

4. uitleggen binnen welke termijn een belastingaanslag moet worden vastgesteld

= aangifte bij aanslagbelastingen: 9 AWR.
= aangifte bij aangiftebelastingen: 10 AWR

6. de voorwaarden voor het opleggen van een naheffingsaanslag toepassen in een casus

=De inspecteur omzetbelasting (OB-inspecteur) kan een naheffingsaanslag opleggen als er te weinig is betaald (artikel 20 AWR).

Bij een naheffingsaanslag voor de aangiftebelastingen (artikel 20 AWR) is, in tegenstelling tot de navordering van aanslagbelastingen (artikel 16 AWR), géén nieuw feit vereist.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

7. de voorwaarden voor het opleggen van een navorderingsaanslag toepassen in een casus

=. De inspecteur inkomstenbelasting (IB-inspecteur) kan onder bepaalde voorwaarden navorderen als hij de aanslag te laag heeft vastgesteld (dus onjuiste informatie had) (artikel 16 AWR). (NIEUW FEIT VEREIST)

8. uitleggen in welke gevallen een voorlopige aanslag kan worden opgelegd

=bij tijdstipbelastingen 4.10 boek
=bij tijdvakbelastingen 4.7 boek

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo