Hoofdlijnen van het omgevingsrecht

15 belangrijke vragen over Hoofdlijnen van het omgevingsrecht

Waarom is participatie belangrijk binnen de Omgevingswet?

Participatie zorgt voor:
  • betere besluitvorming,
  • meer draagvlak,
  • het vroegtijdig signaleren van belangen en knelpunten,
  • minder bezwaar- en beroepsprocedures achteraf.

Wat is de hoofdregel voor bevoegdheid in het omgevingsrecht?

De hoofdregel staat in artikel 2.3 Omgevingswet (Ow):
bestuursorganen van de gemeente zijn primair verantwoordelijk voor het omgevingsrecht.

Welke bestuursorganen krijgen een specifieke taak in de Omgevingswet?

In artikelen 2.4, 2.5 en 2.6 Ow krijgen verschillende decentrale bestuursorganen (zoals provincie en waterschap) specifieke taken toegewezen binnen het omgevingsrecht.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Wat wordt bedoeld met decentrale regelgeving onder de Omgevingswet?

Decentrale regelgeving bestaat uit:
  • het omgevingsplan (gemeente),
  • de omgevingsverordening (provincie),
  • de waterschapsverordening (waterschap).
Hierin leggen decentrale overheden hun bindende regels vast voor de fysieke leefomgeving.

Wat zijn de algemene rijksregels en waar zijn deze vastgelegd?

De algemene rijksregels zijn landelijke, rechtstreeks werkende regels van het rijk en zijn vastgelegd in vier AMvB’s:
  • Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)
  • Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
  • Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)
  • Omgevingsbesluit (Ob)
Deze besluiten bevatten uniforme regels die gelden naast en boven decentrale regelgeving.

Waar is een omgevingsvisie te raadplegen?

Een omgevingsvisie is te raadplegen via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO).
Het DSO vervangt www.ruimtelijkeplannen.nl.

Waarom is het omgevingsplan meer dan een bestemmingsplan?

Een bestemmingsplan regelde vooral ruimtelijke ordening.
Het omgevingsplan bevat alle gemeentelijke regels over de fysieke leefomgeving, zoals:
  • bouwen,
  • milieu,
  • geluid,
  • duurzaamheid,
  • veiligheid.

Hoeveel omgevingsplannen heeft een gemeente?

Elke gemeente heeft één omgevingsplan (één-document-gedachte).

Hoe verhoudt het omgevingsplan zich tot de omgevingsvisie en omgevingsprogramma’s?

Het omgevingsplan is de juridische uitwerking van:
  • de omgevingsvisie (beleid, lange termijn), en
  • de omgevingsprogramma’s (uitvoering, korte termijn).

Welke soorten regels kan de gemeente opnemen in het omgevingsplan?

De gemeente kan in het omgevingsplan opnemen:
  • Algemene regels
    → activiteit is (onder voorwaarden) toegestaan
  • Meldingsplichten
    → activiteit mag na melding
  • Vergunningplichten
    → activiteit mag na vergunningverlening
  • Verboden
    → activiteit is niet toegestaan

Tot wanneer mag een gemeente werken met het tijdelijke omgevingsplan?

Elke gemeente moet vóór 1 januari 2032:
  • het tijdelijke omgevingsplan
  • volledig hebben omgezet in één nieuw, integraal omgevingsplan.

Wat mag níet in het omgevingsplan (OP) worden opgenomen

In het omgevingsplan mogen geen regels worden opgenomen die:
  1. Niet gaan over de fysieke leefomgeving.
  2. Op grond van art. 2.7 lid 2 Ow, uitgewerkt in art. 2.1 lid 2 Omgevingsbesluit, zijn uitgesloten
    (bijvoorbeeld regels over leges).
  3. Uitputtend in een andere wet zijn geregeld (art. 1.4 Ow).

Wat móet er in het omgevingsplan worden opgenomen?

Het omgevingsplan moet in ieder geval bevatten:
  1. Functietoedeling aan locaties, inclusief bijbehorende voorschriften
    art. 4.2 lid 1 Ow.
  2. Gemeentelijke regels over activiteiten die invloed kunnen hebben op de fysieke leefomgeving,
    indien de gemeente ervoor kiest zulke regels te stellen
    art. 4.1 lid 1 Ow.
  3. Meldingsplichten en vergunningplichten, wanneer de gemeente daarvoor kiest
    → deze moeten in het OP worden vastgelegd (art. 4.4 Ow).

Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de oude OV (Wabo) en de nieuwe OV (Omgevingswet)?

Onder de Omgevingswet:
  1. Vallen meer activiteiten onder de OV-plicht dan onder de Wabo.
  2. De activiteit ‘bouwen’ is gesplitst in:
    • de technische bouwactiviteit, en
    • de ruimtelijke bouwactiviteit.
  3. Er bestaat geen omgevingsvergunning van rechtswege meer.
  4. Wordt één OV aangevraagd voor meerdere activiteiten, dan wordt per activiteit afzonderlijk beoordeeld of toestemming wordt verleend.
  5. De ‘onlosmakelijke samenhang’ is verdwenen.
  6. Voor buitenplans afwijken geldt geen uitgebreide voorbereidingsprocedure meer.

Wat betekent het verdwijnen van de ‘onlosmakelijke samenhang’?

Dat activiteiten niet meer automatisch samen in één besluit hoeven te worden beoordeeld; elke activiteit wordt zelfstandig getoetst.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo