L Classificatie - Zelftoets

6 belangrijke vragen over L Classificatie - Zelftoets

Wat is een dimensionele classificatie?
  1. een classificatie die recht doet aan de ernst van klachten
  2. een classificatie waarin sprake is van een hiërarchie van klassen
  3. een classificatie op basis van de etiologie van klachten
  4. een classificatie die ontstaan is uit een structurele diagnostiek


  1. een classificatie die recht doet aan de ernst van klachten
  2. een classificatie waarin sprake is van een hiërarchie van klassen
  3. een classificatie op basis van de etiologie van klachten
  4. een classificatie die ontstaan is uit een structurele diagnostiek

Voor een polythetisch classificatiesysteem geldt dat
  1. meerdere pathogene mechanismen bij de classificatie worden betrokken.
  2. rangordening plaatsvindt op meer dan één glijdende schaal of dimensie.
  3. de elementen van een klasse veel kenmerken gemeen hebben, maar niet een specifiek kenmerk hoeven te delen.
  4. de indeling bestaat uit afzonderlijke, duidelijk van elkaar afgegrensde klassen met elementen.


  1. meerdere pathogene mechanismen bij de classificatie worden betrokken.
  2. rangordening plaatsvindt op meer dan één glijdende schaal of dimensie.
  3. de elementen van een klasse veel kenmerken gemeen hebben, maar niet een specifiek kenmerk hoeven te delen.
  4. de indeling bestaat uit afzonderlijke, duidelijk van elkaar afgegrensde klassen met elementen.

Uit onderzoek naar een bepaald classificatiesysteem komt naar voren dat het systeem een sterke samenhang vertoont met convergente gegevens en weinig samenhang met divergente gegevens.
Uit deze bevindingen blijkt dat
  1. de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van het systeem hoog is.
  2. de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van het systeem laag is.
  3. het systeem lage validiteit heeft.
  4. het systeem hoge validiteit heeft.


Uit deze bevindingen blijkt dat
  1. de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van het systeem hoog is.
  2. de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van het systeem laag is.
  3. het systeem lage validiteit heeft.
  4. het systeem hoge validiteit heeft.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Welke van de volgende groepen stoornissen vormt geen hoofdcategorie in de DSM-5?
  1. schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen
  2. voedings- en eetstoornissen
  3. autismespectrumstoornissen
  4. neurocognitieve stoornissen


  1. schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen
  2. voedings- en eetstoornissen
  3. autismespectrumstoornissen
  4. neurocognitieve stoornissen

Een van de punten van kritiek op de DSM is dat de DSM geen oog heeft voor gradaties. Wat houdt dat in?
  1. De DSM is eenzijdig gericht op tekortkomingen en niet op sterke kanten.
  2. De DSM houdt geen rekening met het tegelijk optreden van meerdere vormen van psychopathologie.
  3. Met de DSM is afbakening tussen stoornissen niet altijd mogelijk.
  4. De DSM houdt te weinig rekening met het feit dat symptomen in de loop van tijd veranderen.


  1. De DSM is eenzijdig gericht op tekortkomingen en niet op sterke kanten.
  2. De DSM houdt geen rekening met het tegelijk optreden van meerdere vormen van psychopathologie.
  3. Met de DSM is afbakening tussen stoornissen niet altijd mogelijk.
  4. De DSM houdt te weinig rekening met het feit dat symptomen in de loop van tijd veranderen.

Als alternatief voor de DSM is de netwerkbenadering ontwikkeld. Wat is het uitgangspunt van deze benadering?
  1. Overeenkomstige onderliggende mechanismen kunnen leiden tot verschillende psychopathologische aandoeningen.
  2. Psychopathologische aandoeningen zijn het resultaat van individuele eigenschappen en eigenschappen van de sociale omgeving.
  3. Psychopathologische aandoeningen zijn symptomen die causaal met elkaar interacteren.
  4. Er is een hiërarchische opbouw van symptomen die resulteren in een specifieke psychopathologisch aandoening.


  1. Overeenkomstige onderliggende mechanismen kunnen leiden tot verschillende psychopathologische aandoeningen.
  2. Psychopathologische aandoeningen zijn het resultaat van individuele eigenschappen en eigenschappen van de sociale omgeving.
  3. Psychopathologische aandoeningen zijn symptomen die causaal met elkaar interacteren.
  4. Er is een hiërarchische opbouw van symptomen die resulteren in een specifieke psychopathologisch aandoening.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo