Samenvatting: Bank-En Financiewezen | 9789464142860 | C Van Hulle
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van bank-en financiewezen | 9789464142860 | C. Van Hulle
-
1 de bankbalans
-
1.1.2.2 passiefposten
Dit is een preview. Er zijn 4 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1.2.2
Laat hier meer flashcards zien -
In schuldbewijzen belichaamde schulden?
Door de bank uitgegeven effecten voornamelijk aangehouden door particulieren.- bv.:
- kasbons
- kapitalisatiebons
- obligaties
- depositobewijzen
- bv.:
-
1.2.1 vergelijking bankbalans met balans van niet-financiële ondernemingen
Dit is een preview. Er zijn 1 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.2.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wat zijn de 2 verschillen tussen de bankbalans en de balans van niet -financiële ondernemingen?
- Bestedingen: bij een bank bestaat de voornaamste actiefpost uit het verlenen van kredieten. Bij een gwne onderneming bestaat deze uit investeringen in vaste activa en werkkapitaal.
- werkmiddelen: bij banken zijn dit hoofdzakelijk deposito's (vreemd vermogen, verhouding eigen vermogen/vreemd vermogen = laag). Bij een andere onderneming bestaan deze deels uit eigen vermogen en deels uit schulden aan leveranciers en bank (verhouding eigen/vreemd = hoog).
-
2 kennismaking met methoden van interestberekening en diverse financiële producten
-
2.1.1 kapitaal, interest, interestvoet
-
Wat is het idee achter kapitaal ter beschikking stellen?
Dit komt voort uit de gedachten dat kapitaal productief moet zijn.
Wie kapitaal ter beschikken stelt wilt dit later terug met een meerwaarde (interest of rente).
Wie kapitaal leent is bereid hier een meerwaarde op te betalen. -
Van welke 4 factoren is de interestvergoesing (=I) afhankelijk?
- Grootte uitgeleend kapitaal (=C): meestal recht evenredig met interest.
- Rentevoet (=i): interestvergoeding per eenheid kapitaal en tijdsperiode
- belegginsduur of beleggingsperioden (=n)
- wijze van interestberekening (enkelvoudig of samengesteld)
- Grootte uitgeleend kapitaal (=C): meestal recht evenredig met interest.
-
Wat is enkelvoudige en samengestelde interestberekening?
- Enkelvoudige: verkregen rente word niet herbelegd (= niet meer rentegevend)
- samengestelde: verkregen rente onmiddellijk, tegen zelfde voorwaarden als kapitaal herbelegd (rente op rente)
- Enkelvoudige: verkregen rente word niet herbelegd (= niet meer rentegevend)
-
2.1.2 tijdswaarde van het geld
Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 2.1.2
Laat hier meer flashcards zien -
Waarom willen investeerders ook zonder inflatie positieve rente op hun geld? (2 reden)
- Ze willen vergoed worden voor het feit dat ze hun ter beschikking gesteld kapitaal niet ogenblikkelijk zelf kunne consumeren.
- ze willen vergoed worden voor derving op alternatieve gebruiksmogelijkheden van het kapitaal (= gemiste kansen).
- Ze willen vergoed worden voor het feit dat ze hun ter beschikking gesteld kapitaal niet ogenblikkelijk zelf kunne consumeren.
-
2.1.3 actuele waarde en slotwaarde
Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 2.1.3
Laat hier meer flashcards zien -
Leg het verschil uit tussen slotwaarde en actuele waarde en wanneer ze worden gebruikt
Slotwaarde Cn : als ik vandaag eenkapitaal C beleg metinterestvoet i, hoeveel ontvang ik na nperioden ?- welk bedrag na n perioden is aangegroeid
Actuele waarde: Hoeveel moet ikbeleggen aan eeninterestvoet i om na nperioden een bedragCn te bekomen?- wordt gebruikt als vergelijkingsbasis voor geld bedragen op 2 verschillende tijdstippen
-
2.2.1 berekening v/d slotwaarde van een kapitaal
Dit is een preview. Er zijn 2 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 2.2.1
Laat hier meer flashcards zien -
Geef de formule van de interset die men na elke periode ontvangt (enkelvoudig)
I = C*i -
Geef de formule van het kapitaal dat je verkrijgt na 'n' periodes
Cn = C*(1 + i*n) -
2.2.3 praktijkvoorbeelden van enkelvoudige interestberekening
-
Wanneer wordt enkelvoudige interestberekening toegepast? Geef 3 voorbeelden
enkelvoudige interestberekening wordt vooral toegepast op financiële instrumenten met korte looptijd (< 1j)- Zichtdeposito's
- termijndeposito's
- spaardeposito's
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden















