Bewijs - Invulling bewijslast
6 belangrijke vragen over Bewijs - Invulling bewijslast
Een oudere man schenkt een groot geldbedrag aan zijn buurvrouw, die hem dagelijks verzorgt en veel invloed heeft op zijn beslissingen. Later stelt de man dat hij onder druk stond en dat de schenking tot stand is gekomen door misbruik van omstandigheden. Hij vordert vernietiging van de schenking. De buurvrouw betwist dat sprake was van ongeoorloofde beïnvloeding. Wie draagt in deze situatie de bewijslast? 7:176 BW
Hoe wordt omkering bewijslast genoemd
Wat is de regel bij wettelijke fictie
Bewijslast ingevuld
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Is 1:234 lid 3 BW wettelijke fictie
Een onderneming vermoedt dat een ex-werknemer bedrijfsgeheimen heeft gedeeld met een concurrent. Zij wil inzage krijgen in specifieke e-mails en documenten met bepaalde zoektermen en overweegt eerst bewijsbeslag te leggen op digitale bestanden.
Welke wettelijke grondslag kan hiervoor worden gebruikt, hoe werkt dit, welke maatstaf geldt en aan wie kan het verzoek worden gericht?
Het verzoek moet betrekking hebben op bepaalde gegevens/bescheiden; een fishing expedition is niet toegestaan. Specifieke zoektermen gebruiken voor digitale bestanden mag wel.
De maatstaf is dat sprake moet zijn van een rechtsbetrekking, maar die hoeft slechts aannemelijk te zijn.
Het verzoek kan worden gedaan aan de wederpartij of aan een derde. Eventueel kunnen stukken eerst worden veiliggesteld via conservatoir bewijsbeslag.
In eerste aanleg stelt de gedaagde dat hij een overeenkomst nooit heeft gesloten en biedt hij aan dit met getuigen te bewijzen. In hoger beroep herhaalt hij enkel algemeen dat hij “bewijs wil leveren”. De rechter wil het bewijsaanbod passeren omdat hij verwacht dat de getuigen toch niets overtuigends zullen verklaren. Daarnaast wil de eiser tegenbewijs leveren zonder dit expliciet te hebben aangeboden.
Hoe moet de rechter hiermee omgaan?
e rechter heeft bij bewijslevering een discretionaire bevoegdheid, behalve wanneer een voldoende concreet bewijsaanbod is gedaan.
In eerste aanleg worden aan een bewijsaanbod minder strenge eisen gesteld dan in hoger beroep (appel), waar het aanbod voldoende specifiek en concreet moet zijn.
De rechter mag een bewijsaanbod niet afwijzen op basis van een verwachting over de uitkomst van het bewijs; dit volgt uit het prognoseverbod.
Tegenbewijs staat van rechtswege vrij. Een expliciet bewijsaanbod is daarvoor niet altijd nodig; het kan impliciet besloten liggen in de stellingen van partijen.
De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden















