Hypertensie - Diëtistische gegevens - Hypertensie - Diëtistische gegevens - A

8 belangrijke vragen over Hypertensie - Diëtistische gegevens - Hypertensie - Diëtistische gegevens - A

Wat zijn de afkapwaarden voor obesitas volgens de BMI-indeling voor volwassenen van 18–70 jaar?


Obesitas begint bij een BMI van ≥ 30 kg/m².
Obesitas klasse I is 30–35,
klasse II is 35–40, en
klasse III (morbide obesitas) is ≥ 40 kg/m².

Waarom is het meten van de buikomtrek belangrijk naast de BMI bij patiënten met hypertensie?

Omdat buikomtrek een indicatie geeft van visceraal vet, dat in verband staat met een verhoogd cardiovasculair risico. Zelfs bij eenzelfde BMI hebben mensen met een grotere buikomvang een hoger risico op hart- en vaatziekten.

Welke BMI-grenswaarden gelden er voor Aziatische volwassenen en waarom zijn die anders?


Voor Aziatische volwassenen geldt:

  • gezond gewicht 18,5–23,
  • overgewicht 23–27,5,
  • obesitas ≥ 27,5.
Dit komt door een andere vetverdeling, waardoor het gezondheidsrisico al bij een lagere BMI toeneemt.
  • Hogere cijfers + sneller leren
  • Niets twee keer studeren
  • 100% zeker alles onthouden
Ontdek Study Smart

Wat zijn mogelijke nadelen van een jojo-effect bij het gewicht?

Het jojo-effect (herhaald afvallen en aankomen) wordt geassocieerd met een hogere morbiditeit van hart- en vaatziekten en hypertensie.

Welke buikomvang wordt als verhoogd risico beschouwd bij vrouwen van Europese afkomst?

Een buikomtrek van ≥ 88 cm bij vrouwen wordt geassocieerd met een verhoogd cardiovasculair risico.

Welke laboratoriumwaarden zijn van belang om uit te vragen bij patiënten met hypertensie?

Belangrijk zijn bloeddrukmetingen, lipidenprofiel (LDL, HDL, triglyceriden), nuchtere glucose en HbA1c (vooral bij aanwezigheid van diabetes of prediabetes).

Welke methodes kunnen worden gebruikt om de voedingsanamnese af te nemen?

Voedingsdagboek, 24-hour recall, dietary history en voedselfrequentievragenlijst.

Noem drie voedingsfactoren die belangrijk zijn om na te vragen bij de dagelijkse voedingsgewoonten van een patiënt met hypertensie.

  1. Zoutinname (inclusief toegevoegd zout en kant-en-klare producten),
  2. Vetverdeling (verzadigd versus onverzadigd),
  3. Inname van groente, fruit, en voedingsvezels.

De vragen op deze pagina komen uit de samenvatting van het volgende studiemateriaal:

  • Een unieke studie- en oefentool
  • Nooit meer iets twee keer studeren
  • Haal de cijfers waar je op hoopt
  • 100% zeker alles onthouden
Onthoud sneller, leer beter. Wetenschappelijk bewezen.
Trustpilot-logo