Samenvatting: Handboek Positieve Psychologie Theorie, Onderzoek En Interventies | 9789024433445 | E T Bohlmeijer, et al
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Handboek positieve psychologie theorie, onderzoek en interventies | 9789024433445 | E.T. Bohlmeijer; Nele Jacobs; Jan Auke Walburg; Gerben Johan Westerhof
-
0 Vraag en antwoord Youlearn
Dit is een preview. Er zijn 20 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 0
Laat hier meer flashcards zien -
0.1 Vraag en antwoord Youlearn va 1.4
Dit is een preview. Er zijn 3 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 0.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wat is de probleemgerichte en wat de sterkekantenbenadering?
De probleemgerichte benadering richt zich primair op het opsporen en bestrijden van een deficiëntie of gebrek. Daarmee sluit ze aan bij het medische model, zoals dat ook in de geneeskunde wordt gehanteerd: als de oorzaak van de klacht wordt gevonden, kan de diagnose worden gesteld en de remedie worden toegediend.
De sterkekantenbenadering richt zich primair op het in kaart brengen en bevorderen van talenten en kwaliteiten en sluit daarmee aan bij de doelstelling van de positieve psychologie om meer nadruk te leggen op het versterken van positieve kwaliteiten.
figuur hierboven:Probleemgerichte Benadering versus Sterkekantenbenadering (tekstboek, figuur 5.1)
-
Wat is volgens Ryan en Deci's zelfdeterminatietheorie bepalend voor de kwaliteit van onze motivatie?
De motiverende werking van de sterkekantenbenadering kan worden verklaard aan de hand van de zelfdeterminatietheorie van Ryan en Deci (2000). Deze theorie stelt dat de mate waarin onze psychologische basisbehoeften – competentie, verbondenheid en autonomie – zijn bevredigd, bepalend is voor de kwaliteit van onze motivatie. -
Wat is de invloed van de invulling van de behoeften aan aangesproken worden op competentie, verbondenheid en autonomie op de motivatie?
De fundamentele behoeften competentie, verbondenheid en autonomie bepalen de kwaliteit van onze motivatie in de zelfdeterminatietheorie van Ryan en Deci. Als deze behoeften worden bevredigd, zal onze motivatie met grotere kans gecommitteerd en intrinsiek van aard zijn, terwijl het niet tegemoetkomen aan deze behoeften eerder externe en geïnternaliseerde vormen van motivatie in de hand werkt. -
Vraag 1.4.2.1a Zijn kernkwaliteiten aangeboren of aangeleerd?
Alle kernkwaliteiten zijn in bepaalde mate erfelijk, maar omgevingsfactoren spelen ook een belangrijke rol bij de ontwikkeling ervan. Daarbij is uit onderzoek gebleken dat unieke omgevingsfactoren (zoals de invloed van een leraar of collega) de grootste invloed hadden op de ontwikkeling van kernkwaliteiten. -
Vraag 1.4.2.1.b Wat zijn de belangrijkste kanttekeningen die in het tekstboek worden genoemd?
Geen van de onderzoeken had een degelijke wetenschappelijke onderzoeksopzet. Zo werd er nergens een opzet gehanteerd die het mogelijk maakte om definitieve uitspraken te doen over eventuele causale samenhang. Verder blijft onduidelijk welke processen ten grondslag liggen aan de ontwikkeling van kernkwaliteiten. Het gebruik van voornamelijk beschrijvende en niet wetenschappelijk onderbouwde instrumenten om de kernkwaliteiten in kaart te brengen kan hiervoor een verklaring zijn. Daarnaast is het mogelijk dat de items van de gebruikte instrumenten verschillend worden geïnterpreteerd door individuen met verschillende culturele achtergronden. -
Vraag 1.4.2.2.a Het stimuleren van kernkwaliteitengebruik lijkt van belang te zijn binnen verschillende contexten. De contexten die worden genoemd in het handboek zijn organisaties, onderwijsinstellingen en zorginstellingen. Wat is de meerwaarde van kernkwaliteiteninterventies in onderwijsinstellingen?
Het gebruik vankernkwaliteiten is essentieel voor jongeren om te kunnenfunctioneren in de huidigemaatschappij en zich voor te bereiden op de eenentwintigste-eeuwsesamenleving . Daarom wordt het gebruik vankernkwaliteiten gezien als een belangrijkecomponent voor een optimaleontwikkeling . Er wordt vanuit gegaan dat het inzetten van kernkwaliteiteninterventies op scholen zal leiden tot meerbetrokkenheid en socialecohesie in de klas, hoop, positief affect, verbondenheid en autonomie, welbevinden, socialevaardigheden , academischeprestaties en verminderdprobleemgedrag . -
Vraag 1.4.2.2.b Welke adviezen worden gegeven voor kernkwaliteiteninterventies op scholen? Waar moeten ze aan voldoen?
Opdat kernkwaliteiteninterventies effectief en duurzaam ingezet kunnen worden op scholen, wordt geadviseerd ze aan te bieden op drie verschillende niveaus: schoolniveau, lerarenniveau en leerlingenniveau. Op deze manier kan kernkwaliteitengebruik geïntegreerd worden in het schoolcurriculum en wordt het gebruik van kernkwaliteiten bevorderd door herhaaldelijke aanbieding, die door de hele school zou moeten worden gedragen, versterkt en aangemoedigd. Daarnaast wordt gesuggereerd dat kernkwaliteiteninterventies waarin ook andere positief-psychologische componenten aan bod komen meer effect zullen sorteren dan interventies die zich uitsluitend richten op kernkwaliteiten. -
Vraag 1.4.2.3 Kernkwaliteiteninterventies lijken een positief effect te hebben op verschillende uitkomstmaten, maar de werkingsmechanisme die hieraan ten grondslag liggen zijn nog niet altijd even duidelijk. Daarom hebben verschillende studies onderzoek gedaan naar verklarende factoren en factoren die de relatie tussen positieve activiteiten (in de vorm van interventies) en welbevinden kunnen beïnvloeden.
Uit onderzoek blijkt in elk geval dat er een belangrijke rol is weggelegd voor kernkwaliteiteninterventies bij het bevorderen van sociale erkenning voor het cultiveren van kernkwaliteiten. Dit onderzoek suggereert dat sociale erkenning een verklarende factor kan zijn op het pad van positieve activiteiten, in de vorm van kernkwaliteiteninterventies, naar welbevinden. -
0.2 Vraag en antwoord Youlearn v.a. 1.5.1
Dit is een preview. Er zijn 15 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 0.2
Laat hier meer flashcards zien -
Vraag 1.5.2.2Hierboven bleek al dat sociale gelijkheid een belangrijke factor is voor het individuele welzijn. Het is dan ook niet meer dan logisch dat deze factor in de OECD-index een belangrijke rol krijgt.Hoe wordt sociale ongelijkheid binnen de OECD better life index geoperationaliseerd?
De OECD-index brengt drie uitingen van sociale ongelijkheid in kaart, namelijk de kloof tussen bepaalde groepen binnen de bevolking (bijvoorbeeld de kloof tussen mannen en vrouwen, tussen oud en jong), de kloof tussen diegenen aan de top en de bodem van een bepaalde categorie (bijvoorbeeld het verschil tussen het inkomen van de 20 procent rijkste mensen en de 20 procent armste mensen) en de mate van deprivatie, zijnde het deel van de bevolking dat beneden een bepaalde drempel (treshold) valt, bijvoorbeeld beneden een bepaald niveau van gezondheid. -
Wat zijn CID's (cultural idioms of distress)?
CID's zijn cultuurspecifieke expressies van lijden. Culturele idiomen van lijdensdruk zijn specifieke manieren om lijdensdruk te uiten en te communiceren, waarbij niet verwezen wordt naar specifieke stoornissen of symptomen. Mensen kunnen daardoor in de lokale sociale context over hun lijden communiceren, wat op een andere wijze niet is toegestaan of niet begrepen wordt (De Jong & Reis, 2010, 2013). Het ontbreken van religieus-culturele kennis bij hulpverleners kan ertoe bijdragen dat mensen met een niet-westerse achtergrond zich niet begrepen voelen en hun toevlucht nemen tot alternatieve genezers.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Onderwerpen gerelateerd aan Samenvatting: Handboek Positieve Psychologie Theorie, Onderzoek En Interventies
-
Vraag en antwoord Youlearn - Vraag en antwoord Youlearn v.a
-
Vraag en antwoord Youlearn - Vraag en atnwoord Youlearn
-
Vraag en antwoord Youlearn - Vraag en antwoord Youlearn va
-
Vraag en antwoord Youlearn - Youlearn
-
Positieve psychologie: een introductie - korte geschiedenis
-
Positieve psychologie: een introductie - Definities en fous vd pos psych
-
Positieve gezondheid - Aanloop naar positieve gezondheid
-
Positieve gezondheid - Positieve gezondheid als ideaal
-
Floreren - Inleiding
-
Floreren - Modellen van floreren - Positief mentaal gezondheidsmodel
-
Floreren - Modellen van floreren - Well-being profile
-
Floreren - Prevalentie van floreren in NL en daarbuiten
-
Onderzoek naar de sterkekantenbenadering
-
Sterkekantenbenadering in de praktijk
-
Het begrip 'geluk
-
Bevindingen uit economisch geluksonderzoek - Rendement van geluk
-
Innovatief meten
-
Kernkwaliteiten
-
Dankbaarheid
-
Van cure naar care
-
Welbevindentherapie















