Samenvatting: Goederenrecht Master
- Deze + 400k samenvattingen
- Een unieke studie- en oefentool
- Nooit meer iets twee keer studeren
- Haal de cijfers waar je op hoopt
- 100% zeker alles onthouden
Lees hier de samenvatting en de meest belangrijke oefenvragen van Goederenrecht master
-
1 Week 1
-
1.1.1.1 19.1 inleiding
Dit is een preview. Er zijn 1 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1.1.1
Laat hier meer flashcards zien -
Wat is een kwalitatieve verplichting?
Een contractuele verplichting die een schuldenaar is aangegaan in verband met een aan hem toebehorend goed en die bij overdracht van dat goed van rechtswege overgaat op de verkrijger, mits ingeschreven in de openbare registers. -
Wat is het verschil tussen een kwalitatief recht en een kwalitatieve verplichting?
Een kwalitatief recht gaat bij overdracht automatisch over zonder inschrijving, terwijl een kwalitatieve verplichting alleen overgaat op een rechtsopvolger onder bijzondere titel als zij is ingeschreven in de openbare registers. -
Welke twee manieren kent de wet waarop contractuele rechtsverhoudingen met betrekking tot een goed kunnen overgaan op een derde?
Antwoord:- Contractsovergang van rechtswege van een gehele contractuele rechtspositie
- Overgang van afzonderlijke contractuele rechten en verplichtingen via art. 6:251 en 6:252 BW
- Contractsovergang van rechtswege van een gehele contractuele rechtspositie
-
Waarin verschilt de regeling van art. 6:251 en 6:252 BW van contractsovergang van rechtswege?
Zij ziet in beginsel op de overgang van afzonderlijke rechten of verplichtingen en niet op een gehele contractuele rechtspositie. -
Waarom kan de overgang van een kwalitatief recht of verplichting toch praktisch lijken op contractsovergang?
Omdat onder omstandigheden ook de bijbehorende tegenprestatie mee overgaat, waardoor het resultaat vrijwel gelijk is. -
1.1.1.2 19.2 Kwalitatieve rechten
Dit is een preview. Er zijn 14 andere flashcards beschikbaar voor hoofdstuk 1.1.1.2
Laat hier meer flashcards zien -
Wanneer gaat een uit overeenkomst voortvloeiend recht als kwalitatief recht over op de verkrijger van een goed?
Wanneer het recht in zodanig verband staat met een aan de schuldeiser toebehorend goed dat hij bij dat recht alleen belang heeft zolang hij dat goed behoudt, waardoor het bij overdracht onder bijzondere titel van rechtswege overgaat. -
Vraag: Wat houdt vereiste a van art. 6:251 lid 1 BW in en hoe ruim wordt het begrip ‘goed’ daarbij opgevat?
Antwoord: Vereiste a houdt in dat het recht verband moet houden met een aan de schuldeiser toebehorend goed. Dit ziet in de praktijk vooral op onroerende zaken en ondernemingen. Hoewel een onderneming geen goed is in de zin van art. 3:1 BW, wordt zij voor de toepassing van art. 6:251 BW wel als zodanig aangemerkt, omdat zij een samenhangend geheel van goederen en schulden vormt. Daarnaast is niet uitgesloten dat het recht betrekking heeft op een roerende zaak of een vermogensrecht. -
Vraag: Waarom kan een onderneming onder art. 6:251 BW als ‘goed’ worden aangemerkt, ondanks dat zij geen goed is in de zin van art. 3:1 BW?
Antwoord: Omdat een onderneming voor de toepassing van art. 6:251 BW wordt gezien als een samenhangend geheel van goederen en schulden, waardoor zij functioneel als ‘goed’ wordt behandeld. -
Vraag: Wat houdt vereiste b van art. 6:251 lid 1 BW in
Antwoord: Het recht moet voortvloeien uit een overeenkomst. Dit omvat zowel bedongen rechten als rechten die de schuldeiser krachtens de wet verkrijgt wegens niet-nakoming van een overeenkomst, zoals schadevergoeding of herstel van gebreken. -
Vraag: Wat is bij vereiste b van art. 6:251 BW níet vereist en wat valt er buiten?
Antwoord: Niet vereist is dat partijen een beding hebben opgenomen over de overgang van het recht op de rechtsopvolger. Buiten art. 6:251 BW vallen vorderingsrechten die aan een goederenrechtelijke kwaliteit zijn verbonden; hun overgang wordt door het goederenrecht geregeld.
- Hogere cijfers + sneller leren
- Niets twee keer studeren
- 100% zeker alles onthouden
Onderwerpen gerelateerd aan Samenvatting: Goederenrecht Master
-
Literatuur - Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve rechten
-
Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve verplichting - Bij overeenkomst bedongen overgang van verplichting om iets te dulden of niet te doen ten aanzien van registergoed
-
Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve verplichting - Notariële akte en inschrijving in openbare registers
-
Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve verplichting - Verhouding kwalitatieve verplichting en erfdienstbaarheden
-
Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve verplichting - Kettingbeding als alternatief voor kwalitatieve verplichting
-
Asser/Sieburgh 6-III 2022/541-560 - Kwalitatieve verplichting - Wijziging of (partiële) ontbinding kwalitatieve plicht of kettingbeding door rechter
-
Literatuur - Groene series
-
Arresten - Stichting Eelder/Woningbouw
-
Wet giraal effectenbeheer
-
Kwaliteitsrekekening van de notaris - Van Hees
-
Literatuur - Intoductie
-
Literatuur - Verzekerde vordering
-
Pand en hypotheek voor en op toekomstige vorderingen - Theoretisch kader - Verzamelpandakte
-
Pand en hypotheek voor en op toekomstige vorderingen - Theoretisch kader - In falliessement
-
Pand en hypotheek voor en op toekomstige vorderingen - Asser
-
Onoverdraagbaarheid vorderingsrechten - Inleidende tekst
-
Onoverdraagbaarheid vorderingsrechten - Uitleg verbod tot overdracht
-
Verrekening in failissement
-
Pandrecht op (deelbare) prestaties - Literatuur - Theoretisch kader in bijeenkomst
-
Pandrecht op (deelbare) prestaties - Literatuur - Inleiding
-
Pandrecht op (deelbare) prestaties - Literatuur - Wet en parlementaire toelichting
-
Pandrecht op (deelbare) prestaties - Literatuur - Contractuele vorderingen
-
Overwaardearrangement - De Lage Landen/van Logtestijn
-
Overwaardearrangement - Actio pauliana - Reddingspoging















